Alles over Hajj

Click here to edit subtitle

Mijn hajj

In oktober 2012 ben ik samen met mijn man op hajj geweest alhamdulillaah. Wij verbleven twintig dagen in Mekkah, gevolgd door tien dagen in Medinah. Tijdens mijn reis hield ik een dagboek bij, wat je hieronder kan lezen.
Toen sommige mensen mijn reisverslag lazen, vonden ze het vervelend dat ik wat negatieve ervaringen met mijn kamergenoten heb beschreven. Er zijn mensen die sowieso enkel de positieve dingen van een hajj-reis willen horen. Ik heb gemerkt dat het 'not done' is om negatieve dingen te noemen wanneer het gaat over je ervaringen op hajj. Mekkah en hajj dienen omschreven te worden als prachtig, geweldig, mooi, enz. Dat is het ook zeker.. maar niet de gehele tijd. Soms krijgen andere gevoelens even de bovenhand. Als ik enkel de positieve of algemene dingen zou noemen zou ik, in mijn geval, geen eerlijk beeld geven. Het is mijn reisverslag, waarin ik beschrijf wat ík persoonlijk ervaren heb. Wegens mijn tekort aan imaan, taqwa, kennis en een karakter dat verre van perfect is, zal ik sommige dingen vast zwaarder hebben ervaren dan andere hajji's. Wat ik zwaar vond heeft een ander misschien niet eens opgemerkt. Maar nogmaals, ik beschrijf gewoon mijn persoonlijke ervaringen. Wie het niet interessant vindt of alleen positieve dingen wil lezen, kan op internet vele andere positieve verslagen lezen en kan die van mij, wat mij betreft, overslaan. Problemen met kamergenoten komen op hajj veel voor, en het speelt wel een grote rol in je reis omdat het iedere dag terugkeert. Daarom wilde ik het toch noemen. Mensen kunnen daardoor ook gaan nadenken of ze dat aan zouden kunnen, of misschien toch extra zouden willen betalen voor een tweepersoonskamer. Ik noem niemand bij naam en probeer zo min mogelijk persoonlijke details over mijn kamergenoten te onthullen. En Allah weet het beste. Moge Allah ons behoeden voor roddelen en nifaaq, ameen.
Veel leesplezier en moge Allah mijn en jullie karakter zuiveren, ameen.


Dag 1
We vertrokken op donderdag om 21u. Thuis hadden we alvast ghusl voor 'umrah gemaakt, dat is sunnah. Mijn schoonouders en een aantal andere familieleden gingen mee naar Schiphol om ons uit te zwaaien. Van mijn moeder en zusje had ik eerder al afscheid genomen. Zij wonen ver weg, en bovendien zou het voor mijn moeder te emotioneel worden dacht ze. We vlogen om 23.55u. In Istanbul moesten we 3 uurtjes wachten. Daarna vlogen we naar Jeddah. In beide vliegtuigen probeerde ik zoveel mogelijk te slapen, want we zouden 's ochtends aankomen in Mekkah en dan meteen 'umrah doen. Mijn oogmaskertje en oordopjes kwamen me goed van pas. In Jeddah wachtten we ongeveer 2,5 uur, we wisten niet waarop. Maar hajj is sabr dus probeerden we heel geduldig te wachten. Onze organisatie, Milli Görüs, had een mooie plek om te rusten en te bidden. Een tijdje later stapten we in de bus. We vielen in slaap. 3 kwartier later was de bus nog niet vertrokken, maar alhamdulillaah. De reis zou 1,5 uur duren, maar duurde 3 uur. Onderweg zeiden we steeds de talbiyah: Labbayk Allahumma labayk, etc. Ik had gelezen dat het niet van de sunnah is om het met z'n allen precies tegelijk te zeggen, dus zei ik het op mijn eigen tempo. De mannen liepen wat onwennig in hun ihraam kleding, mijn man vond het ook best lastig. Je moet heel goed letten op hoe je zit als je geen onderbroek onder je 'handdoek-rok' aanhebt.

Dag 2
We waren erg blij toen we in Mekkah aankwamen alhamdulillaah. Ik geloof dat we er rond 7u 'sochtends waren. In het hotel dacht ik dat het dringen zou worden bij de douche. Maar de Turkse imam had gezegd dat de vrouwen hun hoofddoek niet af mochten doen zo lang ze in ihram waren, en ook niet mochten douchen. Ik vertelde dat ik niet dezelfde wetschool volg als zij, en ging onder de douche. Het was wel een koude douche haha, want het warme water deed het niet. Ik weet niet meer of we even hebben geslapen, ik denk het niet. Ik was met vijf andere vrouwen ingedeeld op een kamer. Vier van hen zijn ouder dan 50, eentje is in de twintig, net als ik. Vijf zijn Turks en spreken weinig Nederlands, één vrouw komt uit een ander land en spreekt ook een beetje Nederlands.
We gingen met de shuttlebus naar Masjid al Haram. Het was heel bijzonder om de grote klok van de Haram dichterbij te zien komen. Ik wilde graag mijn gezicht bedekken, maar er is een hadith waarin staat dat een vrouw geen niqaab of burka hoort te dragen in ihram. Toch moet je je bedekken tegenover niet mahrams. Ik had een stukje sluier aan een zonneklep vast gemaakt, zodat ik geen niqaab aan mijn gezicht bindt, maar toch bedekt ben. Het nadeel was wel dat ik 's avonds niet heel goed zag (het is als een zonnebril dragen in de nacht). Ik hield mijn man dus goed vast. Rond 1u 'snachts gingen we de Haram binnen. Het was heel mooi subhan Allah. Er heerst hier ook een rustige, ingetogen sfeer. Ik dacht dat we wegens de drukte de tawaaf op een hogere verdieping zouden moeten doen, maar we konden het beneden doen, op enkele meters van de Ka'bah af. Ik moest echt huilen toen ik de Ka'bah zag, iedereen.
Ik pakte het du'a boekje en las de adiyaat die gezegd moeten worden, en deed wat extra adiyaat. Mijn man moest goed om zich heen kijken, dus soms zei ik de du'a voor en hij zei het na. Na zeven rondjes tawaaf waren we 1,5 uur verder. We baden twee rak'at achter Maqam Ibrahim. Precies er achter lukte niet, maar dat geeft niet. We dronken Zamzam, het komt in masjid al haram uit de kraan. En er zijn ook aparte kranen voor wudoo' water. Toen gingen we sa'i doen, het lopen tussen Safa en Marwah. Ik dacht dat het ergens tussen twee bergen in de woestijn zou zijn, maar het is overdekt. Er zijn wel twee heuveltjes. Op een bepaald stuk, gekenmerkt door groene lichten, moeten de mannen hard sprinten. Het was redelijk rustig, dus mijn man en zijn vriend konden sprinten. Ik liep stevig door, maar rennen is niet sunnah voor vrouwen. We bleven wel een beetje in de buurt van onze groep. Na 7x heen en weer tussen Safa en Marwah waren we weer 1,5 uur verder. Mijn onderrug deed pijn maar ik was erg blij alhamdulillaah.
Ik geloof dat we daarna direct terug naar het hotel zijn gegaan. Daar knipte ik een stukje van mijn haar, en zo trad ik uit ihram. De Turkse vrouwen op mijn kamer waren van mening dat je alleen geknipt mag worden door iemand die al uit ihraam is, dus knipte ik vervolgens ook een stukje van hun haar. Mijn man heeft zijn goede vriend kaal geschoren, en maakte zelf zijn haar wat korter met een tondeuse. Bij de kapper in het hotel was het megadruk. En na een korte douche (nu was het wel dringen) viel ik in een diiiiieeeeepe slaap...

Dag 3
...om vervolgens 2 uur later op te staan voor salat al fajr. Mijn man ging het bidden bij Masjid al Haram, ik bad het op onze kamer. Daarna ging ik weer slapen. De dames op mijn kamer waren nogal lawaaiierig, dus ik deed oordopjes in en een oogmaskertje op. Om ongeveer 8u werd ik wakker. De kamer was leeg en verlaten, alle bedden keurig opgemaakt. Huhhhh??? Dacht ik. En daarna: Oh neee!! Ik ben alleen achter gebleven! Met mijn slaperige hoofd deed ik snel mijn hoofddoek op en rok aan, en rende ik naar de verdieping van mijn man. Ik klopte op de deur, niemand deed open. Ik probeerde de deur te openen, hij zat niet op slot. En alhamdulillaah, ik trof zes hard snurkende broeders aan, waaronder mijn man. Ik ging terug naar mijn kamer om nog een paar uurtjes te rusten.
Later bleek dat mijn kamergenoten direct na fajr weer naar Masjid al Haram waren gegaan om tawaaf te doen en te bidden. Ik vind dat mashaa Allah knap van hen. Toch koos ik er even voor om mijn rust te nemen. Als je rust om daarna beter ibada te kunnen doen is het rusten ook een ibada, inshaa Allah. Rond 11u stond ik op, maar mijn man en zijn vriend kreeg ik hun bed niet uit gebrand..! Ik ging ontbijten en maakte kennis met allerlei Turkse dames. Rond 14u stonden mijn man en zijn vriend ook op. We verrichtten onze gebeden, aten, fristen ons op, en vertrokken eind van de middag naar een winkelcentrum in een volkswijk. Een andere broeder, ik zal hem Alper noemen, ging ook mee. Later zal ik wat meer over hem vertellen, want dat is wel bijzonder. De broeders wilden jellaba's kopen. Op straat sprak mijn man gewoon een paar broeders aan, die een mooie jellaba aan hadden, om te vragen waar ze het hadden gekocht. Die mensen spraken vaak geen Engels, en mijn man geen Arabisch, dus het werd meestal een komische conversatie. Eenmaal uit ihraam draag ik hier trouwens een gewone niqaab, en alhamdulillaah het bevalt me erg goed. Deden mensen er in NL ook maar zo normaal over, maar ja gair inshaa Allah.
Goed, inmiddels heeft mijn man lang genoeg gewacht, ik moet dit bericht eindigen. Binnenkort inshaa Allah meer. En weten jullie waar ik nu zit? Een paar honderd meter van de Ka'bah! Er is hier gratis wifi, ik heb verder nog geen internetcafé kunnen vinden.
Inshaa Allah zal ik jullie door mijn reisverslag stimuleren om ook snel op hajj te gaan. Weet dat het verplicht is voor degene die het zich kan veroorloven. Sommigen denken dat ze oud en 'perfecte moslim' moeten zijn voordat ze gaan, maar dat is niet waar! Dat illustreert ook het verhaal van Alper, wat ik volgende keer zal vertellen inshaa Allah. Hij heeft gisteren leren bidden bij de Ka'bah, subhan Allah!
Salaam alaykum wa Rahmatullaah, liefs uit Mekkah


Dag 3 (vervolg)

Tijdens het winkelen gingen we bidden in het plaatselijke moskeetje. Het was mooi om te zien hoe alle winkels dicht gaan na de adhaan, ook al zei een vriend van mijn man dat sommigen het alleen doen omdat het verplicht is hier. In de moskee waren wat vrouwen van daar uit de buurt (denk ik) en ook bedevaartgangers, uit Indonesië, Afrika, Egypte, enz. Ik verbaasde me erg over wat ik zag toen het gebed begon. Geen rechte rijen, niet de rij vanaf rechts beginnen, niet schouder aan schouder staan… Er waren een paar halve rijen, maar de mensen die later binnen kwamen gingen daar even makkelijk tussenin staan. Subhan Allah.. in ons kleine Nederlandje zijn de rijen in de moskeeën vaak beter en netter. Vreemd toch? De imam zei: ‘a-stow!’ (of zoiets, dat zeggen ze altijd voordat het gebed begint) en ik zei nog tegen de dames om me heen: ‘a-stow!’ maar dat hielp helaas niet, haha.
Toen ik uit de moskee kwam liep ik naar m’n man en liep achter hem aan. Hij zei: “Wel lastig hoor met die niqab, straks loopt er misschien wel een andere vrouw achter me aan in plaats van jij, en dan heb ik niks door!” De niqab is wel een beetje benauwd, maar het voelt goed. Sommige mensen in het hotel kijken me soms raar aan, maar ja, ik ben hier niet gekomen om vrienden te maken, maar om ‘ibadah te doen.
Rond 23u waren we terug in het hotel. We gingen even douchen, dat doen we hier 2x per dag. Niet lang ofzo, maar even afspoelen. Want je zweet hier veel (37 graden overdag, ong. 29 's nachts). Iedereen ging even een uurtje op bed liggen, en rond 00.30u vertrokken we richting Masjid al Haram. Om een uur of 1.30u deden we tawaf, het was niet super druk alhamdulillaah. Mijn man kon zelfs even de Ka’bah aanraken. Dat is geen ‘ibadah (alleen het aanraken van de Yamani hoek en de Zwarte Steen is ‘ibadah) maar hij vond het gewoon even gedaan hebben. Ik vond het te druk, dus ik deed het niet. Tijdens de tawaaf werd het steeds op een bepaalde plaats druk, namelijk vlak voorbij de Zwarte Steen. Ik werd een paar keer een beetje geplet, dus toen pakte mijn man mij, hield mij voor zich en dan met zijn armen om me heen. Hij werd geduwd aan de achter- en zijkant, maar ik merkte dat niet alhamdulillaah.
Bij één van de laatste rondes stonden er opeens mannen die mensen tegenhielden op een bepaalde plek, je mocht daar niet langs. Ik keek wat er was, en zag wat bruinigs op de grond liggen. Zou dit de eerste dode zijn die ik te zien zou krijgen hier? Was het bloed op de grond? Of had iemand overgegeven? Maar daarna zag ik het, het was een heel spoor van diarree. Waarschijnlijk van iemand in ihraam kleding, want dan heb je geen onderbroek aan en valt het zo op de grond. Gisteren had mijn man ook al een man gezien die in z’n broek geplast had. Hij spoelde het af met Zamzam water. Sommige mensen kunnen niet op tijd wegkomen uit de drukte, en zeker voor oude mensen die het niet zo goed op kunnen houden kan dat tot grote moeilijkheden leiden. De mannen stonden om de viezigheid heen totdat het schoonmaak-team kwam. Meestal zijn die heel snel ter plaatse en maken het weer helemaal schoon. Over het schoonmaakteam gesproken, dat zijn voornamelijk Aziatische mensen. In de winkels werken ook veel Aziaten, net als de bediening in restaurants en de taxichauffeurs. We knopen vaak een praatje met ze aan, en dan vertellen ze dat ze uit Indonesië komen, Birma, Bangladesh, de Filippijnen en Pakistan. Deze mensen maken lange dagen, en waarschijnlijk voor weinig geld. Een man uit Birma vertelde dat hij al 8 jaar niet naar zijn thuisland was geweest omdat hij geen visum krijgt. Een Indonesische dame van de schoonmaak in het hotel vertelde dat zij elke 2 jaar een paar maanden naar Indonesië gaat, alhamdulillaah.
Na tawaaf gingen we bidden op de bovenste verdieping. Ik probeerde heel veel gebeden te verrichten, want die zijn veel waard in Masjid al Haram. Tegen de tijd van fajr werd het steeds drukker. Fajr hoort eigenlijk bij de volgende ochtend, dus ga ik verder naar..

Dag 4
We baden het fajr gebed in Masjid al Haram. Mannen en vrouwen bidden hier door elkaar, dat is wel raar eigenlijk. Ik ga meestal wel tussen een groepje vrouwen staan, en ik hou m’n niqab op.
Na fajr kwamen we weer bij het hotel, ik was te moe om te ontbijten. De sleutel lag niet bij de receptie, dus kennelijk waren m’n kamergenoten er al. Eenmaal boven gekomen, zat de deur op slot. Dus ik weer naar beneden, maar nee de sleutel was er echt niet. Ik weer naar boven, nog harder kloppen. Maar helaas pindakaas. Mijn lieve kamergenootje ‘Gevaarlijke Oma’, in het volgende verslag af te korten tot G.O., had de sleutel mee naar buiten genomen. Alhamdulillaah was er bij de buurvrouwen een bed vrij toevallig, dus daar ging ik maar liggen. Een paar uur later werd ik wakker en toen was onze kamer inmiddels open. De andere vrouwen gingen fajr bidden in Masjid al Haram en daarna met de bus langs allerlei plaatsen/bergen. Ik voelde me niet lekker. Ik had buikpijn, was een beetje misselijk, had last van mijn darmen en keelpijn (dat laatste is van slapen met airco, weet ik inmiddels.) Kortom: ik had rust nodig, en geen busreis in de hitte, wat energie zou kosten, terwijl ik die energie beter voor ‘ibadah kan gebruiken. Maghrib gebeden in Masjid al Haram. De zonsondergang achter de minaretten was prachtig paars met roze, ik heb er wel een foto van gemaakt maar in het echt is het veel mooier. 

Vervolgens dhikr gedaan en extra gebeden, totdat het tijd was voor ‘isha. ‘Isha daar gebeden. Daarna net buiten Masjid al Haram de plek opgezocht waar wifi was, en daar m’n eerste reisverslagje gemaild.
Wat nog wel grappig is om te vermelden, is dat bij elk land de vrouwen de ‘herkenningspunten’ zijn voor de groep. Ik zag Egyptische vrouwen met grote plastic zonnebloemen op hun achterhoofd, Indonesische vrouwen met Minnie Mouse strikken, Maleisische vrouwen met in het Arabisch heel groot ‘Malaysia’ op hun hoofd, en Thaise vrouwen met de Thaise vlag op hun hoofddoek geprint. Verder zie je veel groepen met een specifieke kleur. Onze groep heeft een lichtgroene, gestreepte hoofddoek als kenmerk, je kan het ook als sjaaltje dragen. Ik vond het erg leuk om groepen te zien uit Filisteen, Tsjetsjenië en Xinjiang (Oeigoeren). Ik word blij als ik hen zie. Het is voor hen vast extra moeilijk om hier te komen. Ik heb trouwens nog maar heel weinig mensen uit Syrië gezien, maar dat ligt misschien aan mij.
Ohja en ik zou nog vertellen hoe het zat met Alper. Alper is een jongen die niet echt met zijn geloof bezig is. Hij bidt niet, rookt en doet eigenlijk vooral waar hij zelf zin in heeft. Hij heeft een aantal jaar vast gezeten wegens een misdrijf. Zijn vader is oud en wou graag naar hadj gaan. Wegens zijn zwakke gezondheid vroeg hij of Alper mee wilde gaan om hem te ondersteunen. Alper mag dan wel een stoere, gespierde man lijken, toch heeft hij een klein hartje denk ik. Hij zegde zijn vader toe om mee te gaan. Toen hij de Ka’bah voor het eerst zag, was hij erg onder de indruk. Het lukte hem bij de Zwarte Steen te komen en deze aan te raken. Bij het aanraken barstte hij in tranen uit. Vervolgens, wanneer hij zijn vader niet hoefde te helpen omdat die bijv. aan het rusten was, ging hij graag met ons groepje mee. Hij wil meer leren over Islaam, en schaamt zich er alhamdulillaah niet voor dat hij nog maar weinig weet. Hij staat er juist open voor om meer te leren. En zo gebeurde het dat we naar de Ka’bah gingen, en hij vroeg hoe je nou precies moet bidden. Mijn man en zijn vriend stonden allebei aan een kant van hem, en ze oefenden het samen. Het zag er zo leuk uit, 3 mannen in sujood, en ondertussen praten over wat je dan moet zeggen. Mashaa Allah, hij kan later zeggen: ik heb leren bidden bij de Ka’bah. En Allah leidt wie Hij wil.

Dag 5
Steeds als ik moet kijken wat de datum is, wordt ik een beetje verdrietig omdat er alweer een dag voorbij is, en dat het vertrek alweer iets dichterbij gekomen is.
Zoals ik gezegd had, slapen er op iedere hotelkamer 6 personen. G.O. sliep eerst naast de airco, terwijl zij erg van warmte houdt. Een andere Turkse vrouw, ik zal haar even teyze 1 noemen, houdt heel erg van kou en als het heet is kan ze niet slapen. Teyze 1 zette de airco vaak op de koudste stand, zowel overdag als ’s nachts. G.O. ligt dan precies in de koude wind te wapperen in haar pyamaatje. Dat wekte een beetje irritaties. G.O. is al meerdere keren op hajj geweest en is onze ‘kameroudste’. Het meisje dat naast mij slaapt is erg aardig gelukkig. Het is inmiddels al 2x voorgekomen dat G.O. de sleutel van de kamer meenam en het Turkse meisje en ik er niet in konden. De Turkse teyze’s stonden ook een keer voor een dichte deur. Gisteravond, toen het Turkse meisje en ik half lagen te slapen, spraken de teyze’s G.O. aan op het meenemen van de sleutel. G.O. zei dat het niet alleen haar schuld was, maar ook van de niet-Turkse vrouw. En ja, ze was ff gaan ontbijten met de sleutel bij zich, wat maakte dat nou uit. Daarna bedreigde ze de niet-Turkse vrouw om de één of andere reden, “Nog één keer jij zo doen, ik jou echt ruzie maken!” En daarna wilde ze dat de niet-Turkse vrouw haar voeten ging masseren, wat deze weigerde omdat ze zelf ook erg moe was. Vervolgens bleven alle vrouw hard praten, terwijl het Turkse meisje en ik probeerden te slapen. Alhamdulillaah viel ik na verloop van tijd toch in slaap. Als het nog erger wordt, ga ik denk ik wel vragen of er in een andere kamer nog een plekje vrij is. Of ik pak m’n matras en ga op het dak slapen haha. In ieder geval zal ik de leiding vragen of ik in Medina met anderen op de kamer mag.
Vanmorgen stonden we rond 4u op en baden fajr bij Masjid al Haram. Ik zag een Afrikaanse vrouw met korte broek en ghimaar, dat was wel een grappig gezicht. Maar ja misschien had ze niets anders om aan te trekken, of was ze onwetend over de juiste bedekking van de vrouw.
Daarna stond er een rondleiding op het programma, langs de 'Moskee van de Boom' en de 'Moskee van de Jinn' (waar een groep jinn moslim werd na da’wah van de Profeet salallahu alayhi wasalam), en daarna naar de rand van de begraafplaats waar Khadijah begraven ligt, radi Allahu anha. Het staan in de hitte en luisteren naar een voor mij amper verstaanbaar verhaal, was echt niet zo chill. Verder was het wel interessant om te zien. ’s Middags ging de groep weer naar één of andere berg, maar ik ging niet mee.
Mijn man smste eind van de ochtend dat hij zich ziek voelde: overgeven, buikpijn, duizelig. Ik ging hem fruit brengen en O.R.S. tegen uitdroging. Mijn man vertelde dat de vader van Alper naar het ziekenhuis was gebracht, hij voelde zich helemaal niet goed. Mijn man zag er ook ziek uit, hij lag in bed. Hij vond het heel jammer dat hij zich daardoor niet kon focussen op zijn 'ibada. Hij zei dat als hij weer beter is, hij het liefst de hele dag en nacht in de Masjid al Haram wil doorbrengen. Hij lag zo te zweten en kreunde af en toe van de pijn. Ik besloot zijn temperatuur op te nemen. 39,5 graden, dus wel wat koorts. Ik gaf hem twee sinaasappels te eten voor de vitamines, ibuprofen en O.R.S. Even later nam ik weer zijn temperatuur op, 39,7 was het nu. Ik maakte me echt zorgen en vroeg of er iemand van de leiding kon komen. Milli Görüs heeft zijn eigen ambulance voor de deur en eigen huisarts. Als die de situatie niet kan oplossen, stuurt hij iemand door naar het ziekenhuis. We spraken af dat we het nog een half uurtje aan zouden kijken. Alhamdulillaah voelde hij zich na 10 min. al wat beter, ik denk voornamelijk door de ibuprofen. Na een tijdje vroeg hij om eten, dus ik bracht hem allerlei soorten fruit, en thee met honing.
’s Avonds wilde ik graag naar Masjid al Haram, maar dat ging niet lukken vanwege mijn man. We gingen wel even naar de supermarkt, Bin Dawood. Het was een supergrote winkel, met kleding, speelgoed, allerlei apparaten, servies en natuurlijk eten en drinken. Ze hadden veel buitenlandse spullen, ook Nederlandse! Ik vond Nederlandse gecondenseerde melk, stroopwafels en cherrytomaatjes ('tomatoes al Hollandi'). Kleding was duur en voornamelijk geïmporteerd uit Spanje en Portugal. Ik had mijn Nederlandse bruine boterhammen erg gemist, dus was erg blij toen ik een ‘normaal’ bruin brood vond! Verder kochten we kaas (ik blijf een kaaskop natuurlijk), boter, melk, volkoren cornflakes en allerlei soorten fruit. In het hotel en ook op straat zitten er heel weinig vezels in het eten en ze eten ook weinig vers fruit en verse groenten. Juist dàt is zo belangrijk om je weerstand goed te houden. Ook kocht ik een klein opklapbaar kinderstoeltje, om lekker op te zitten tijdens de verhalen van de imam. Op de terugweg gingen we precies de verkeerde kant op, waardoor we over de terugweg een uur deden in plaats van 10 minuten. Rond twaalf uur lagen we in bed.

Dag 6
Na fajr vertrokken we naar de berg Jabal an Noer, dus om 6u. Hier wilden we graag heen, ook al voelde mijn man zich nog steeds niet echt goed, want op deze berg is de grot Hira. In deze grot ging de Profeet, salallahu alayhi wasalam, vaak mediteren en hij zonderde zich er af van de mensen. Op een dag is daar het eerste vers van de Qur’an aan hem geopenbaard, alhamdulillaah. We vertrokken met 3 luxe bussen vanaf het hotel. Mijn man had het ijskoud zei hij, maar voelde nog steeds warm aan. Om 7.40u begonnen we aan de beklimming. Mijn man had onze tas op zijn rug, ik had alleen mijn fototoestel en mijn opklapbare stoeltje (my new BFF haha). De beklimming was heel steil. Mijn man liep samen met zijn vriend. Ik dacht: zo lang ik me goed voel, loop ik door, en als ik moe word neem ik even pauze. Al gauw liep ik bijna helemaal voorop. En om 8.15u was ik als één van de eersten boven, alhamdulillaah. Onderweg heb ik wel mensen gevraagd om drinken, want ik móést echt wat drinken met die hitte. Op de top van de berg hadden we een mooi uitzicht. (De toren links in beeld is de grote klok naast Masjid al Haram. Rechtsonder op de foto zie je mensen dringen bij de grot.)
Ik ben niet helemaal in de grot gegaan, want daar stonden allemaal mensen te dringen om bid’ah te kunnen doen. Mensen zeiden bijvoorbeeld ‘Allahu akbar’, deden één sujood en gingen dan weer weg. Anderen kusten de grot, enz. Er stonden ongeveer 50 mensen zich te verdringen, dus ik keek lekker vanaf een klein afstandje, dat vond ik goed genoeg. Er waren veel mensen die boven op de berg gingen bidden, maar dat is ook bid’ah. Ja tenzij het echt tijd is om te bidden natuurlijk, maar dat was het niet.
Na 10 minuutjes pauze begon ik aan de afdaling. Wat trouwens wel opvallend was, dat waren de bedelaars. Het begon onderaan met vrouwen met kinderen, daarna oude mannetjes met misvormde armen, daarna een man zonder arm, daarna liggende mannen met misvormde armen die ‘Allah Allah Allah’ riepen, enz. Iemand zei tegen mijn man: “Toch wel vreemd, het lijkt of ze niet eens rechtop kunnen zitten, maar iedere ochtend kunnen ze kennelijk wel deze zware beklimming doen?!”
Na een tijdje kwam ik mijn man en zijn vriend tegen, die vonden het niet zo heel grappig om mij alweer op de terugweg te zien haha. Ze hadden het zwaar maar hebben wel doorgezet. Voor de oude mensen was het echt super zwaar. Toch vond iedereen het ook erg mooi en bijzonder.
Eenmaal bij het hotel aangekomen gingen alle mensen douchen en rusten. Toen we rond 14u opstonden bleek de vriend van mijn man ziek te zijn. Eigenlijk werden er steeds meer mensen ziek, er gingen ook elke dag meer mensen naar het ziekenhuis. We brachten de vriend van mijn man medicijnen en eten, daarna gingen mijn en ik naar de Ka’bah. Een kwartier voor gebedstijd rijden er geen bussen meer, dus moesten we even wachten. Eigenlijk wou mijn man niet gaan omdat hij zich niet lekker voelde, maar hij vond het ook sneu voor mij. Ik had gisteren ook al niet kunnen gaan. En juist deze dagen zijn zo belangrijk, omdat het met de dag drukker wordt. Alleen al vanuit Medina komen er deze week 1 miljoen mensen.
Tussen de tijd van maghrib en ‘isha gingen we naar de Ka’bah. Ik ben blij dat ik daar nog nooit naar de w.c. heb gemoeten, want het is vaak vies en schijnt gevaarlijk te zijn. Mijn man hoorde dat er vrouwen opeens een w.c.-hokje in geduwd zijn en beroofd werden. Daarom mag ik van hem daar niet naar de w.c., behalve in noodgevallen. Ik vraag me af hoe we het bij ‘Arafah en Mina gaan doen. Misschien moeten we maar flessen meenemen? Dan hoef je niet uren in de rij te staan, en het is ook hygiënischer. Je plas ophouden is weer gevaarlijk in verband met blaasontsteking. Ik moet er nog eens over nadenken.
Het Turkse meisje dat naast mij slaapt en G.O. zijn ook ziek. Alper is naar het ziekenhuis geweest en heeft antibiotica en hoestdrank gekregen. Mijn man en ik hebben de volgende anti-ziek-wordt-strategie bedacht: Veel fruit eten, veel groente, niet te veel eten bij het restaurant, bruin brood, meergranen cornflakes, veel drinken, voldoende rusten en niet onnodig mee op zware uitstapjes. Inshaa Allah gaat dat een beetje helpen. Vanaf nu dragen mijn man en zijn vrienden mondkapjes. De lucht hier is niet bepaald schoon.
Nou goed, we waren dus bij Masjid al Haram. We baden ‘isha bij Safa en Marwah op de bovenste verdieping (ja, Safa en Marwah heeft ook 3 verdiepingen). Na ieder gebed is er dodengebed. Mashaa Allah, wat een goede plek om te sterven en wat goed als er hier het dodengebed voor je wordt gebeden, moge Allah dat voor iedere moslim mogelijk maken die dat wenst, ameen. Rond 21u viel het me op dat het redelijk rustig was, beneden bij de Tawaaf plek. Mijn man lag net even te slapen, ik maakte hem wakker. Ik gaf hem medicijnen om hem wat op te peppen (klein beetje ibuprofen) en toen gingen we Tawaaf doen. Later hoorde ik dat het die dag heel heet was, dat het daardoor rustiger was. Nou ik voel weinig verschil tussen te-heet-en nat-van-het-zweet, en nog-heter-en-nat-van-het-zweet. Ik smste nog snel een paar zusters in Nederland, dat ze naar Mekkah live moesten kijken, misschien konden ze me zien!
We deden ongeveer 5 á 6 minuten over één tawaaf ronde, dat is behoorlijk snel. Boven is het rustiger, maar een ronde daar is veel langer. Na Tawaaf zochten we een rustig plekje achter Maqam Ibrahim om te bidden, vervolgens dronken we een beetje Zamzam. Daarna was het voor mijn man wel weer genoeg geweest, ik stuurde nog snel mijn tweede verslagje per mail, en daarna gingen we naar het hotel terug.
Wat me opvalt, is dat veel mensen (ja, je zou het niet verwachten) hun gebeden missen hier. Het komt denk ik omdat we vaak ’s nachts en ’s ochtends vroeg op stap zijn. Na fajr gaan veel mensen slapen en missen dan soms het dohr gebed. Dohr is hier om 12u. Op het dak en voor de deur van het hotel zitten vaak mensen te kletsen, sommigen te roken. De imam zei nog in zijn khutba dat iedereen echt moet stoppen met roken hier, maar ja, ze luisteren niet allemaal. Zelfs vlakbij Masjid al Haram zie je mensen roken, subhan Allah. Stel je voor, het eerste wat je doet als je uit ihraam bent getreden, is een sigaretje opsteken.. bah. Het zitten kletsen buiten is ook voor ons een fitna, want je drinkt even wat in de lekkere koelte van de nacht, en voor je het weet ben je weer een uur verder.
Trouwens, weet je hoeveel (of beter gezegd: weinig) benzine hier kost? Het kost volgens iemand uit het hotel hier 90 Riyal-cent, dus ongeveer 15 eurocent per liter. En verder wonen de echte Saoedies volgens de vriend van mijn man voornamelijk aan de kust, niet hier in Mekkah.

Dag 7
De volgende dag sliepen we weer lang, daarna nog een beetje opgeruimd, gegeten, gelezen, enz. We zouden proberen om rond dezelfde tijd naar de Ka’bah te gaan als de dag ervoor, in de hoop dat het weer rustig zou zijn. Maar mijn man zat samen met Alper bij de imam, Alper wilde allerlei dingen bespreken. Ik zat zo lang te wachten dat ik in slaap viel op de bank bij de receptie. Na 22u vertrokken we. Bij de Ka’bah was het heel druk. Mijn man voelde zich nog steeds niet goed. Zijn buik was weer wat beter, nu leek het meer op griep. Vanwege de drukte deden we Tawaaf op de bovenste verdieping. Daar was het best rustig alhamdulillaah, dus we konden flink doorstappen. We deden ongeveer 10 min. over één Tawaaf ronde. Er waren die dag veel Shi’a gearriveerd. In grote groepen zaten ze liedjes te zingen. Ik heb het niet zo op Shi’a, omdat ze du’a maken naar Ali terwijl je alleen Allah om dingen mag vragen, ze noemen een aantal van de sahaba kafir en verwerpen het grootste deel van de sunnah. Wel zijn de Shi’a vrouwen vaak beter bedekt dan vrouwen uit bijvoorbeeld Indonesië of Turkije. Na 5 rondes was het beneden rustiger, de laatste 2 deden we beneden. We baden twee raka’at, dronken Zamzam en gingen rond 1.30u naar het hotel terug. Net voordat we de bus in gingen kocht mijn man nog een lekker mangosapje voor me.
Oh ja en we hebben een’ Indonesische rups’ gezien. We stonden op de bovenste verdieping naar de Ka’bah te kijken, en toen zagen we een groep Indonesische mensen in zo’n vorm tawaaf doen beneden, dat het precies een rups leek, de mannen in het bruin aan de buitenlijnen, de vrouwen in het geel aan de binnenkant. Vaak houden zulke groepen zich aan elkaar vast met touwen, en drukken zich overal doorheen. De term: “Pas op! Indonesiërs!” hoor je zodoende regelmatig. Bepaalde Afrikaanse groepen kunnen er trouwens ook wat van.
Dag 8
’s Ochtends rond 5u werd ik wakker omdat ik de teyze’s hoorde praten. De ene had het zo warm, dus ze zette de airco aan. Ik viel weer half in slaap. 10min later werd G.O. wakker. Ze dacht waarschijnlijk dat de airco de hele nacht aangestaan had. Ze werd woest! Het ontaardde in een flinke ruzie, en van het schreeuwen werd iedereen op de kamer wakker. Nadat ik fajr had gebeden kon ik niet echt meer slapen, dus toen ben ik maar gaan ontbijten. De sfeer op de kamer was nou ook niet echt om voor te blijven.. Later die dag toen ik aan het bidden was begon G.O. te roepen dat ik mijn vinger niet mocht bewegen in de tashahhud, en toen ik het in de 2e tashahhud weer deed tikte ze er op. Later legde ik haar uit dat ik niet dezelfde maddhab heb als zij, en ook niet zal hebben, dus dat ze me met rust moet laten. Vandaag verder niets boeiends gedaan, mijn man wilde rust in de hoop dat hij wat op zou knappen. Ik heb de was gedaan, mijn koffer op orde gebracht en een beetje schoongemaakt in de kamer. De anderen gaan vandaag naar een plek om opnieuw in ihraam te gaan, en nog een keer umrah te doen, maar dat is niet bekend vanuit de sunnah.

Dag 9 - vrijdag
Vandaag na fajr niet meer geslapen. Als we een plekje bij jumu’ah wilden moesten we vroeg bij Masjid al Haram zijn. We ontbeten in het restaurant, kleedden ons aan en vertrokken om 8.15u. Bij Masjid al Haram gebeden, gelezen, gepraat, enz. Jumu’ah begon rond 12u. Het was erg druk subhan Allah. Na het gebed raadde de buschauffeur ons aan om nog een tijdje te besteden aan ‘ibada in de moskee in plaats van uren op de bus te staan wachten. Het is na jumu’ah namelijk zo ontzettend druk op de weg. We waren blij dat we een aantal uur na jumu’ah eindelijk in de bus zaten. Die shuttle bussen van Milli Görüs zijn trouwens gratis voor ons, ik weet niet of ik dat al gezegd had. Maar het is alhamdulillaah erg handig. Eind van de middag voelde mijn man zich weer minder goed en ging op bed liggen. Hij moest overgeven en had weer een beetje koorts. Verder had hij veel last van zijn keel. Ik vond dat we nu maar eens naar de Turkse dokterpost moesten gaan, die gratis is voor reizigers van Milli Görüs. De ambulance rijdt 24u per dag op verzoek heen en weer tussen ons hotel en de dokterpost. Mijn man wilde eerst ‘isha bidden en daarna gaan.
De dokter zei dat meer dan de helft van de bedevaartgangers ziek is. Er zijn allerlei virussen, waar hij weinig tegen kan doen. Tegen bacteriën kan hij wel wat geven, maar volgens hem had mijn man te maken met zo’n virus. We kregen Domperidom tegen het overgeven en een hele goeie hoestdrank. Mijn man kocht er ook meteen eentje voor mij, aangezien ik door de ventilator en airco ook keelpijn had. Eenmaal weer bij het hotel aangekomen ging mijn man weer meteen naar bed. Anderhalf uur later was zijn pyama doorweekt van het zweet, dus ik hielp hem met het aandoen van een andere pyama. Twee uur later moest hij weer droge kleren en ook zijn beddegoed was nat. Ik haalde zijn beddegoed af en legde hem op zijn ihraam doeken. Multifunctionele doeken zijn dat! Ik heb ze ook gebruikt zien worden als bescherming tegen de zon, matras, picnickkleed, kussen en deken. Rond een uur of 3 in de ochtend ging ik slapen, nadat ik nog even de was had gedaan en had opgehangen. ’s Ochtends vroeg belde mijn man of ik droge kleren kon brengen. Hij had een beetje ontbeten en ging weer liggen. Alhamdulillaah voelde hij zich eind van de middag iets beter en toen zijn we even naar de supermarkt Bin Dawood gegaan.

Dag 10
Vandaag veel bezig geweest met de voorbereidingen op de dagen van Tarwiyah en de hajj rituelen. Helaas is islamqa.com hier geblokkeerd, vreemd.. In Turkije was dat ook al zo. Alifta.com doet het alhamdulillaah wel, en ik had meerdere boeken meegenomen. Vanaf zondag rijden er geen bussen meer naar de Ka’bah vanwege de drukte. Je kan wel de taxi nemen, maar lopend is sneller zeggen ze.
's Avonds naar de Ka’bah gegaan met één van de laatste bussen. Het was druk maar niet supersuper druk alhamdulillaah. Een aantal mooie foto’s gemaakt ook. Nog een paar dagen en dan vertrekken we voor de echte hajj rituelen. Ik ben een beetje bezorgd hoeveel we mee moeten nemen en hoeveel we mee kùnnen nemen, we moeten alles zelf dragen.
Er zijn trouwens ook mensen die roken terwijl ze in ihraam zijn. En mensen die de hele dag alleen maar kletsen, of series zitten te kijken op internet. Een vrouw kwam bij de receptie checken of haar man die dag had gechat via de computer (het idee alleen al.. chatten met vreemde vrouwen op hajj…). Het lijkt wel of sommigen het zien als vakantie, een vakantie waarmee je aanzien krijgt. En Allah weet beter wat er zich in onze harten bevindt. Anas bin Malik overleverde dat de Profeet, salallahu alayhi wasalam zei: “E zal een tijd komen waarin de rijken de hadj zullen gebruiken als vermaak en vakantie; de middenklassen om handel te drijven; de hafiz en de kurra (Qur’an recitator en geleerde) om op te scheppen; en de armen om te bedelen.” [Kanzul Ummal, hadith 12362]
Ik probeer van Mekka te houden omdat de Profeet, salallahu alayhi wasalam er van hield. Het is een stad die door Allah geprezen is en die in de Qur’an genoemd wordt. Hier is zoveel moois en bijzonders gebeurd. Als het niet daarom was, zou ik voornamelijk een stoffige en wat viezige stad zien, verlaten door zijn oorspronkelijke bewoners en gevuld met arme buitenlandse mensen die er hopen geld te verdienen, maar niet echt liefde voor de stad hebben. Overigens, een deel van de Mekkanen verblijft tijdens de hajj-periode in hun 2e huis, om zo plek te maken voor de hajji’s. Waarschijnlijk tegen betaling, maar toch lief van ze. Moge Allah hen belonen, ameen.

Dag 11
Uitgeslapen, want na het bezoek aan de Ka’bah lagen we laat in bed. Vervolgens weer kleren wassen en te drogen hangen, je zweet hier zo veel dat je soms wel 2x per dag schone kleren aan doet. En ik moest alvast gaan inpakken voor Mina. Het hotel-eten waren we inmiddels behoorlijk beu, we zijn buiten op zoek gegaan naar wat anders. We belandden in een Indiaas tentje. We snapten al niet waarom ze hier alleen maar brood/rijst met vlees eten, maar het schijnt verboden te zijn om bereide groente te verkopen in het hajj-seizoen. In bijna elk restaurant kan je enkel brood, rijst en vlees eten. Het hamburgertentje aan de overkant had een boete van een paar honderd euro gekregen omdat hij groente op de hamburgers deed. Geen idee waar het mee te maken heeft, misschien omdat het wassen van de groenten in vies water de pelgrims ziek kan maken? Zoiets..?
Ik hoorde dat de man van mijn kamergenoot vrijdag getuige is geweest van iets heel bijzonders bij de Ka’bah. Er is namelijk een vrouw bevallen in Masjid al Haram! Allahu akbar. Voor zover de man wist, maken moeder en kind het goed. Hoe bijzonder…!!

Dag 12
Ik wilde naar de Ka’ba gaan met de taxi, maar het schijnt erg druk te zijn en mijn man is bang weer ziek of nog meer ziek te worden. Met zijn verminderde weerstand loopt hij misschien extra risico om een ander virus of een ziekte op te lopen.
Tijdens de seminar in Nederland, een middag met uitleg over de hajj, was ik kennelijk niet de enige die wat verkeerd had begrepen. De imam sprak ons steeds aan met ‘Ey kafirler!’ dacht ik, wat 'O, ongelovigen!' betekent. 'Waarom noemt hij ons ongelovigen?' dacht ik. Later bleek dat hij zei: ‘Ey kafiler!’ wat betekent: 'O, groepsgenoten!' Haha. De vader van Alper had zijn hoorapparaat niet in of het werkte niet goed. Naar zijn idee zei de imam: ‘Neem veel sabon (Turks voor ‘zeep’) mee. Stop sabon in je koffer, daarna sabon, en nog eens sabon! Je hebt in Mekka heel veel sabon nodig!’ Dus hij vroeg aan Alper: “Hoezo moet ik zoveel zeep meenemen? Kennen ze dat daar niet ofzo?” Alper: “Nee papa, de imam had het over saber..” (geduld)
Nou ik toch grappige dingen aan het vertellen ben.. Het is hier de gewoonte dat de schoonmakers van de Ka’bah en allerlei andere nuttige mensen, zoals de schoonmakers en bediening van het hotel, kleingeld toegestopt krijgen als sadaqa. Er is met onze groep ook een donkere Nederlandse man mee, van oorsprong is hij Afrikaans. Op een dag was hij zijn slippers kwijtgeraakt in de moskee. Hij was op blote voeten naar het hotel gekomen. Een Turks vrouwtje zag hem en stopte hem 1 Riyal toe (20 cent ongeveer). Hij spreekt geen Turks, maar hij maakte gebaren dat hij het niet hoefde. Het vrouwtje vond hem heel beleefd maar bleef aandringen dat hij het zou accepteren. Ze zag hem namelijk aan voor arme Afrikaanse schoonmaker, die niet eens geld had om schoenen te kopen. Hij vond het niet zo grappig.. Mijn man zei: “Je had beter kunnen zeggen: hoezo 1 Riyal? Niet zo gierig, maak er liever 10 Riyal van!”
Er zijn ook echt zoveel soorten bedelaars. Soms vraag ik me af of mensen opeens bedenken om te gaan bedelen, zoals een gezin in mooie nette kleren dat naar ons toekwam met het verhaal dat ze naar Medina moesten reizen en of wij de reis wilden betalen. Ze zeiden dat ze Egyptisch waren, ‘en kijk dit is onze dochter, dus aub help ons’. Ze zagen er erg ongeloofwaardig uit. De ene keer denk ik: het gaat om de intentie waarmee je het geeft. Maar aan de andere kant: als het echt nep lijkt, kan ik het beter aan iemand geven die het wel nodig heeft. We maken wel altijd du'a voor hen. Oh ja, en er was een Pakistaanse man die op eens een hele enge wond op zijn arm liet zien (niet diep maar wel met allemaal prut) terwijl we net aan het eten waren. Subhan Allah soms weet je echt niet meer wat je moet denken.
Mijn man en zijn vriend voelen zich inmiddels allebei weer wat beter alhamdulillaah. We eten veel sinaasappels, grapefruits, granaatappels en dat soort fruit.

Dag 14
Morgenochtend vertrekken we naar Mina. Ik heb deze avond ghusl gemaakt voor ihraam. We hebben eten ingekocht bij Bin Dawood. De medewerker vertelde ons om alles in te kopen wat we nodig hadden, omdat het de komende dagen 'een gekkenhuis' zou worden. Zij zijn namelijk de supermarkt die het dichtst bij Mina ligt, vlakbij de Jamaraat. We hebben eten ingekocht voor de komende 5 dagen. Alles wat ik nodig denk te hebben heb ik ingepakt, en daarna hebben gechecked of het wel draagbaar was. Op tijd slapen, morgen drukke dag. Spannend!
Dag 15 – dag van Tarwiyah
Om 5u opgestaan, even snel gedoucht. Gezamenlijk fajr gebeden en daarna ontbeten in het restaurant. Om 6u vertrokken we. We liepen eerst naar een ander hotel van Milli Görüs om die groep op te halen. Ik wilde zo snel mogelijk vertrekken omdat ik de hitte van de zon voor wilde zijn. Maar alle imams wilden graag een mooi woordje spreken op deze speciale dag, wat op zich ook wel begrijpelijk is maarja.. We moesten nog even goed in onze oren knopen dat Milli Görüs natuurlijk de beste is, etc. Uiteindelijk was het bijna een uur later en was de zon al op. Hajj is sabr he.. alhamdulillaah.
Het zou een kwartier lopen zijn naar het tentenkamp in Mina, maar het was ruim een uur! De grens van Mina was inderdaad een kwartier, maar onze tenten waren een heel eind verder. Ik zag het zweet van mijn mans gezicht druppelen. Hij droeg samen met zijn vriend een zware tas met eten en drinken. Ik had mijn zonneklepniqab weer op, en later een paraplu tegen de zon. Vanaf 9u werd het flink warm (ik denk rond de 33 graden). Om 9.15u waren we er. De vrouwen hadden tenten en de mannen ook aparte tenten. In iedere tent pasten ongeveer 100 mensen. Er was alhamdulillaah een ventilatiesysteem aanwezig. We aten wat, dronken wat, lazen Qur’an en luisterden mp3. Een meisje dat naast me zat liet me zien waar de wc’s waren, ik zei dat ik het zelf wel kon vinden maar ze drong erop aan. Later bleek ze mee te zijn gegaan omdat sommige wc’s niet op slot konden. Het waren van die hurk-wc’s, een gat in de grond dus. Aan de zijkant een tuinslangetje waarmee je je billen kon wassen. Het stonk heel erg. Na elk wc-bezoek goed m’n handen ontsmet, want veel mensen waren ziek en hadden diarree. Ik voelde me erg vies. Mijn kleren waren nat van het zweet en stonken. Toch kon je in de tent niet echt wat uitdoen omdat mannen door kieren naar binnen konden kijken, en er soms mannen binnenkwamen om bijvoorbeeld water te brengen. Bij de wudoo’ ruimte kon je ook makkelijk gezien worden door mannen. De mannen in ihraam konden dan misschien geen schone kleren aantrekken, maar die kunnen zich tenminste wel een beetje afspoelen bij de wudoo’ ruimte. Tussen dohr en assr ging ik even slapen, alhamdulillaah kan ik dat overal wel. We kregen een pakketje met eten, wat voor 2 dagen zou zijn. Er zat weinig in, maar we waren er blij mee.
De volgende dag zouden we 3,5 uur gaan lopen naar ‘Arafah. Veel mensen gingen met de bus van het hotel naar 'Arafah, maar misten dan de overnachting in Mina. Wij dachten dat dit Islamitisch gezien correcter zou zijn en inshaa Allah meer hasanath zou opleveren. Ik heb veel du’a gemaakt dat Allah ons zou bijstaan.
Ze zeiden dat het koud zou zijn in de tent ’s nachts. ‘Bring it on!’ dacht ik. Maar helaas voor mij, het is nog steeds warm en mijn kleren blijven klam aanvoelen. Zou dit ooit wennen? Ik denk aan de vluchtelingenkampen zoals Dadaab in Somalië. Daar zitten mensen soms wel jaren in zulke tenten in zulke kampen. En dan zonder ventilatiesysteem, met heel weinig eten. Moge Allah hen bijstaan en hen belonen in al Agira, ameen. Later hoorde ik dat mijn man en zijn vriend door het zitten in een tent de hele dag, met zoveel mensen, ook begonnen te denken aan vluchtelingenkampen en zelfs aan de gevangenis. Het is niet leuk, maar maakt je wel dankbaarder (achteraf makkelijker gezegd dan het op dat moment voelt, believe me).
We hebben in Mina steeds 2 rak’at gebeden, het moet hier ingekort worden maar niet samengevoegd. Helaas bidden de vrouwen niet samen, dat doen Turkse vrouwen over het algemeen niet. De meeste vrouwen zaten gezellig te kletsen, maar ik ging op tijd slapen om aan het eind van de nacht op te kunnen staan voor ‘ibada. Uiteindelijk ging er ook wel wat tijd op aan in de rij staan voor de wc en ontbijten, maar goed gair inshaa Allah. Ik blijf mezelf herinneren aan waar ik hier voor gekomen ben: ‘ibada, niet om te socializen of voor vakantie of voor wat anders dan ook.
In het volgende deel inshaa Allah meer over de dag van ‘Arafah, onze woestijntocht van bijna 20 km daar heen en hoe ik het uiteindelijk echt even niet meer zag zitten…
[Foto: tentenkamp in Mina, rond tijd van maghrib]
Dag 16 – dag van ‘Arafah
Ik stond die dag om 3.30u op. Ik moest een tijdje in de rij wachten bij de toiletten, ontbeet, deed wat ‘ibada en om 5.15u gingen we fajr bidden en vertrekken. De groepen die moesten vertrekken werden één voor één omgeroepen. Ik was bang om het verkeerd te begrijpen (alles wordt in het Turks omgeroepen) dus ik zei tegen mijn man dat ik buiten naast de tent zou wachten tot hij me kwam ophalen. Uiteindelijk vertrokken we rond 6u. Mijn tas was zwaar. Mijn man en zijn vriend hadden veel uit hun tas opgemaakt of weggegeven. Het eerste halfuur kwamen we wegens de drukte amper vooruit, want ja iedereen vertrok op dat moment uit het tentenkamp in Mina. Op sommige plaatsen was de grond nat omdat de afwatering het niet goed deed, en er lag allemaal viezigheid uit de wc’s op de weg, het was vies om er doorheen te lopen. Na een half uur kwam het een beetje op gang en liepen we in een goed tempo.
Het was prachtig om de zon op te zien komen, en te bedenken dat de dag van ‘Arafah de beste dag is waarover de zon opkomt. In sahih Muslim is overgeleverd door ‘Aisha dat de Profeet, salallahu alayhi wasalam heeft gezegd: “Er is geen enkele dag waarop Allah meer van Zijn dienaren bevrijdt van de Hel, dan de Dag van ‘Arafah. Hij nadert en schept met hen op tegenover Zijn Engelen. Hij zegt: ‘Wat willen zij?’
Ik zag duizenden mensen lopen naar ‘Arafah. Of met de bus, die gingen toeterend voorbij. Al na een korte tijd werd de groep stiller, je focust je op jezelf en dhikr. Wel deden we regelmatig de talbiyah, mannen hardop, dat is het beste.
Na twee uur werd de zon behoorlijk warm. Ik was nat van het zweet. De vriend van mijn man had een vlek op zijn ihraam, hij was misschien ergens op gaan zitten wat af had gegeven. Toen hij nog een keer ging zitten was het erger geworden. We probeerden elkaar een beetje moed in te praten door elkaar te herinneren aan de beloning van hajj. De beloning van een geaccepteerde hajj is het Paradijs, dus dan zeiden we bijvoorbeeld: “Hoe zou je je voelen als deze wandeling naar het Paradijs leidde?” en dan voelden we ons weer wat beter. Mijn rugzak deed veel pijn aan mijn schouders, en ik besloot hem dan maar op mijn buik te dragen. Mijn man en zijn vriend droegen de tas soms samen, dan weer alleen, dan op hun hoofd, dan op hun nek.. Het laatste stuk lopen leek een beetje op die wegen in Amerika door de woestijn. Een lange geasfalteerde weg, met daar omheen niets dan droge grond en heuvels / bergen. We waren nog niet één keer gestopt om te pauzeren. Als je stopte verloor je je groep uit het oog. We hadden geen energie meer om eten te pakken uit de tas, terwijl we echt wel honger hadden. Het water was na verloop van tijd ook op. Mijn man voelde zich duizelig zei hij. Kort voor het einde stond er een vrachtwagen waar pakjes drinken en water werd uitgedeeld. De mensen leken wel uitgedroogde vluchtelingen… er werd zelfs gevochten om het drinken! Mijn man is alhamdulillaah lang en kon veel drinken vangen. Dat deelde hij dan weer uit aan andere mensen alhamdulillaah. Na eventjes pauze om te drinken, was het nog 20min. lopen tot aan de poort van het kamp van ‘Arafah. Maar onze tenten stonden nog een kwartier lopen verderop.
Eenmaal aangekomen konden we wel de Nederlandse tent voor de mannen vinden maar niet voor de vrouwen. Ik kon amper meer staan dus besloot gewoon een willekeurige tent binnen te stappen om daar even op krachten te komen. Maar meteen vroeg een vrouw in de tent of ik wel uit Essen kwam, en zo niet, dan mocht ik niet gaan zitten want het was al druk genoeg in de tent. Ik ging zitten en zei dat ik alleen kwam om even te wachten. Alhamdulillaah bood een andere vrouw me water aan. 5min. later liet ik mijn tassen bij haar om de juiste tent te zoeken. Na een kwartier vond ik die eindelijk. Eenmaal in de Nederlandse tent wilde ik maar één ding: mezelf wassen. Ik was kletsnat van het zweet en alles stonk. Ik had schone kleren bij me en wasgel zonder parfum. De w.c.’s waren weer hurk-w.c.’s en ze waren vies, maar het tuinslangetje om je billen mee te wassen was lang genoeg om jezelf mee af te spoelen. De deur kon niet op slot, en deze keer was er niemand om voor mijn deur te staan. Ik ging op een plastic zak staan en heb ondanks alles zo heerlijk gedoucht, Allahu akbar!
De vriend van mijn man was inmiddels bij de eerste hulp beland, de vlekken op zijn ihraam kleding bleken bloed te zijn. Het kwam door schaafplekken op zijn dijen. Zonder broek schuren je benen steeds langs elkaar. Hij kreeg twee nieuwe ihraam doeken. Mijn man had ook wondjes, maar niet zo erg als zijn vriend alhamdulillaah. Je ziet veel mannen na verloop van tijd echt een soort waggelen omdat ze pijn hebben.
Dohr en assr moeten in ‘Arafah ingekort worden tot 2 raka’at allebei en moeten samengevoegd worden. Maar de imam bad twee keer 4 raka’at en iedereen bad ook nog sunnah gebeden. Wij moesten dus na 2 raka’at de salaam doen, en dan wachten. Mensen spraken mij er op aan, maar dan zeg ik dat ik niet van hun maddhab ben. Voor mijn man en zijn vriend is het lastiger, want zij zijn Turks, dus hoezo hebben ze een andere maddhab, denken mensen dan.
Toen ik even niet oplette lag er opeens een vrouw op mijn matras te slapen. Toen ze op stond om te gaan bidden had ik ‘m weer terug alhamdulillaah. Sabr he.. Maar toch ben ik het niet echt eens met de term ‘hajj is sabr’. Want op zich lukt het me redelijk makkelijk om sabr te hebben met de dingen hier, terwijl ik echt niet de meest geduldige persoon ben geloof ik. Ik ben wel optimistisch en neem dingen zoals ze zijn, die houding scheelt wel veel. Ik zou eerder zeggen: ‘hajj is zwaar’. En dat bedoel ik echt niet beledigend, maar het is gewoon zwaar, dat is een feit. Omdat je gelooft in Allah, Hem tevreden wil stellen en hoopt op Zijn beloning, hou je toch vol. En hoe sterker je imaan, hoe beter het je af zal gaan. Als ik oude mensjes zie lopen, met een helemaal kromme rug, of met kromme beentjes, of met allerlei ziektes, dan denk ik: mashaa Allah, wat knap, wat een sterke imaan moet die persoon hebben om onder die omstandigheden alle hajj rituelen te kunnen verrichten. Ik weet niet of ik het zou kunnen als ik zo oud en ziek zou zijn.
Maar goed, in ‘Arafah dhikr en du’a gedaan, en na dohr gaan slapen. Toen het assr was opgestaan. Verschillende (ook Arabisch-talige) imams maakten mooie adiyaat (du'as), die echt mijn hart raakten. Je hoorde mensen om je heen beginnen te huilen.
[Foto: de dag van 'Arafat is bijna afgelopen..]
Achteraf hoorde ik van een meisje dat het mogelijk was om het kamp uit te gaan en Jabal ar Rahma (de berg van Genade) een stukje te beklimmen. Bijna alle mensen bleven de hele dag in de tenten (dit keer zonder ventilatie) om dhikr en du’a te doen. Ik vond het wel jammer want het had me super geleken om echt op de berg te zitten, maar gair inshaa Allah. Om 18u moesten we klaar staan om te vertrekken naar Muzdalifah met de bus, uiteindelijk vertrokken we om 20u. De bus had lekker airco. In Muzdalifah ging iedereen steentjes verzamelen, maar ik had gelezen dat je volgens de sunnah 7 steentjes verzamelt onderweg naar Mina, en de rest van de steentjes later in Mina verzamelt. Mijn man en zijn vriend gingen slapen naast andere mannen, ik lag samen met mijn Turkse kamergenootje op mijn matrasje. Ze was een beetje ziek en had pijn, dat vond ik echt sneu voor haar. Iedereen had honger en dorst, maar er was niks te koop in de buurt. Alleen ik had nog een beetje een voorraadje, waar ik zuinig mee deed. We lagen gewoon buiten op de grond, en ook nu koelde het ’s nachts niet echt af. Ik had dus voor niets mijn slaapzak steeds meegesjouwd.. Rond 3u ’s ochtends zouden we vertrekken. Islamitisch gezien mogen zwakkeren, vrouwen en hun begeleiders na een derde van de nacht vertrekken naar Mina om te stenigen. Maar, volgens mijn boekje van shaykh Albani, mag je pas stenigen na zonsopkomst. Volgens mijn andere boekje, van o.a. shaykh Aal as-Shakyh, mogen de voorgenoemden eerder vertrekken, en hij noemt niets over vanaf wanneer er gestenigd mag worden. Wij waren van plan samen met de groep te vertrekken, en dan zelf bij de Jamarat te wachten tot zonsopkomst.
[Foto: overnachten onder de sterrenhemel in Muzdalifah]
Dag 17 – Eid ul ‘Adha (dag van Offerfeest)
In plaats van 3u, werden we gewekt om 00.30u. We hadden nog amper geslapen. Ik voorzag al meteen problemen met het niet te vroeg stenigen, maar we wisten de weg niet en durfden het niet goed aan om het alleen te proberen. Het zou ‘een klein stukje lopen’ zijn. Op de borden stond: Mina 2.0 km. Maar eenmaal over de grens van Mina stond er: Jamarat 2.0 km. Het leek wel of het steeds langer werd. In totaal was het meer dan een uur lopen. Uiteindelijk kwamen we in een soort hele grote tunnel, die ook wel wat weg had van een Arena, en ik zag mensen steentjes gooien tegen de muur in het midden. 'Dat is de jamarat!' werd me verteld. Ik had het me heel anders voorgesteld.
Op deze plaats is het vaak gebeurd dat er wegens de drukte mensen werden vertrapt enzo, dus er wordt nu heel goed op de doorstroming gelet.Het was alhamdulillaah goed georganiseerd en er waren duidelijke borden. Onze groep stenigde en liep door. Wij probeerden te wachten, maar de beveiligers letten er goed op dat we niet gingen zitten, we mochten zelfs onze tassen niet neer zetten. We zouden nog meer dan 4,5 uur moeten rondlopen en wachten om te kunnen stenigen na zonsopgang. We besloten om dan toch maar eerder te stenigen, in de hoop dat het goed is en geaccepteerd wordt. We gooiden onze 7 steentjes, die staan voor 7 grote zonden. Daarna moesten we zelf de weg naar het hotel zien te vinden. Twee verdwaalde mannen (één van hen was imam) en een meisje, allemaal van ons hotel, voegden zich bij ons. Het meisje vertelde dat het hengsel van haar tas brak, ze bukte even om te proberen het te maken, en toen ze opstond was ze de groep kwijt. Het bleek nog 30 minuten lopen naar het hotel te zijn, dus dat viel wel mee. In het hotel kon ik lekker douchen zonder te hoeven wachten op de anderen. Volgens de Turkse imam mogen ze niet douchen als ze in ihraam zijn. Na het douchen trok ik mijn pyama aan en ging ik slapen. Op straat was het megadruk, alle verkeer stond vast en overal liepen mensen. Ondanks al het lawaai van toeterende auto’s en sirenes, viel ik direct in slaap.
Rond 10u stond ik op. Het ‘Eid gebed in Masjid al Haram was om 7u geweest, maar volgens de Turkse imam konden we daar niet heen. Ik dacht dat we dan wel naar de moskee om de hoek zouden kunnen, maar volgens de imam was er maar één ‘Eid gebed, en dat was bij de Ka’bah. Mijn man werd gebeld dat ons offerdier geslacht was alhamdulillaah. Ik knipte een stukje van mijn haar af. We hoefden nu alleen nog de tawaaf en sa’i te doen, en dan waren we volledig uit ihraam. Na het stenigen ben je al grotendeels uit ihraam, je mag dan weer gewone kleren dragen en parfum gebruiken. Na de tawaaf en sa’i ben je helemaal uit ihraam en is gemeenschap met je echtgenoot ook weer toegestaan.
Al mijn kleren waren vies, en die van mijn man ook, dus ik moest veel wassen. Na nog wat rusten vertrokken we om ongeveer 15.30u richting Masjid al Haram. Overal op straat lag troep, lege flesjes, ihraam doeken, slaapmatjes, afgeschoren haar, scheermesjes, plas, enz. Het was mega druk op straat. We konden wel een taxi nemen, maar daarmee zou je veel langer onderweg zijn dan lopend. Het was ongeveer 35 min. lopen. We wilden op de bovenste verdieping tawaaf doen, maar het was te druk, van de beveiligers mocht er niemand meer bij. Een verdieping lager begonnen we aan de tawaaf maar na ongeveer 15 meter stopten we, het was niet te doen. Iedereen liep op elkaar gepropt en ze kwamen amper vooruit. We gingen zitten bij het eerste vrije plekje bij Safa en Marwa dat we vonden. Daar wachtten we tot het wat rustiger werd. Het werd maghrib en we baden maghrib. Het werd isha en we baden isha. Ondertussen sprak ik een meisje naast me, zij en haar man kwamen uit Sarajevo in Bosnië. Ook zag ik een brancard langskomen met daarop een flauwgevallen Pakistaans omaatje. Vlak voor ons werd de brandcard neergelegd, en de beveiligers belden het nummer dat op het kaartje om haar nek stond. Maar niemand nam op. Toen ze zich even later weer wat beter voelde ging ze rechtop zitten. Twee uur later was ze nog steeds niet opgehaald, ook al sprak ze allerlei mensen aan om haar te helpen. Echt zielig. Ook zag ik een Turks meisje, iemand had op haar voet gestaan. Ze huilde zo hard dat we dachten dat ze wat gebroken had.
Rond 21u leek het iets rustiger te worden bij het tawaaf gedeelte. We namen weer de roltrap naar boven. We deden 20min. per ronde, maakten du'a en reciteerden Qur'an. Bij het stuk waar je de Zwarte Steen moet groeten liep het steeds helemaal vast. Mensen werden kwaad en geïrriteerd, begonnen te roepen. Een man sloeg een andere man en werd meengenomen door de beveiligers. Na ongeveer 2,5 uur waren we klaar met tawaaf. Daarna moesten we sa’i doen. Op de allerbovenste verdieping kan je ook sa’i doen (geen tawaaf). Het was lekker rustig daar en omdat het in de open lucht was ook lekker koel. We waren erg moe. Elke keer dat we Safa of Marwah bereikten gingen we zitten om de du’a te doen. We maakten ook persoonlijke du'a en genoten ervan om af en toe even naar de Ka'bah te kijken. De vriend van mijn man had een blaar onder zijn voet. Tussen de groene lichten gingen ze sprinten, maar dat ging ze steeds iets lastiger af. Gair inshaa Allah, moge Allah het allemaal van hen accepteren.
Na afloop wilde ik heel graag nog een paar raka’at bidden in Masjid al Haram. We hadden vaak gebeden bij Safa en Marwah, maar de beloning van 100.000 keer krijg je voor zover ik weet alleen in Masjid al Haram. We vonden een rustige ingang en hebben daar nog kort een aantal raka’at gebeden. We hadden prachtig zicht op de Ka’bah.
Na afloop wilden we een taxi nemen terug naar het hotel, maar het kostte 100 Riyal (20 euro) per persoon. Dat vonden we het ook niet waard. Mijn man gaf mij een aardbeienshake als ‘Eid traktatie. We liepen terug naar het hotel. Het was zo vies op straat, en de lucht is ook zo vies. Toen we door een lange, stinkende tunnel liepen voelde ik me heel moe en verdrietig. Wat voor ‘Eid was dit? Geen ‘Eid gebed, geen familie en zusters om me heen, moe, honger, alles om me heen vies… Ik kon er even niet happy van worden dat het een 'Eid in Mekkah was. Gair inshaa Allah.
Eenmaal vlakbij het hotel (rond 2u ’s nachts) waren we echt toe aan wat te eten. Het was ruim 11 uur geleden dat we voor het laatst iets gegeten hadden. We aten een broodje met vlees. We kwamen Indonesiërs tegen die op bamboestokken liepen te kauwen. Mijn man vroeg wat het was, en ze zeiden dat het lekker zoet was. Hij kreeg ook een stok, en het was inderdaad lekker. Even later gaf iemand mij ook een stok, en dat was dus mijn ‘Eid cadeau. In combinatie met mijn niqab was ik nu een Echte Ninja. De vriend van mijn man had het gevoel dat zijn oog begon te ontsteken, zijn oog zag er inderdaad niet zo goed uit. Alhamdulillaah hadden we daar speciale antibioticazalf voor bij ons dus dat gaven we aan hem.
En toen viel ik in een diepe, diepe slaap. Ik denk dat je een kanon naast me had kunnen afschieten zonder dat ik het zou merken. Wa’lhamdulillaah.

Dag 18 – zaterdag 27 oktober
Toen ik wakker werd moest ik even bijkomen: waar ben ik ook alweer? Ik kreeg mijn ogen met moeite open en alles deed pijn. Ik liep als een omaatje, terwijl ik de jongste van de kamer ben, en sindsdien is mijn bijnaam ‘oma’ haha. De anderen gingen aan het begin van de middag stenigen, maar ik zei dat ‘oma’ nog even moest rusten.
Wij wilden in Mina slapen omdat het sunnah is om twee of drie dagen van tasreeq in Mina te verblijven. De anderen slapen gewoon in het hotel, dat is heel dichtbij zeggen ze. En dat klopt ook wel, maar het is geen Mina. Eind van de middag gingen wij naar de Jamarat en het was alhamdulillaah redelijk rustig. Ik zag een Afrikaans meisje op de grond zitten bedelen en ze had geen onderarmen. Even later zag ik er nog eentje zonder armen, ze zwaaide in de lucht met haar stompjes en vroeg om geld. En een paar meter verderop zater er nog een stuk of vijf. Huh? Zou dat nou echt zijn of niet? En toen zag ik een Afrikaanse hajji-mevrouw zo’n meisje in haar bovenarm knijpen, en ze voelde dat het meisje gewoon haar arm dubbel in haar mouw had gedaan, dus ze werd boos en sloeg haar met een leeg waterflesje op haar hoofd! Iedereen kent dat trucje waarschijnlijk wel van vroeger: doe je arm dubbel in je mouw, met je hand bij je schouder en je elleboog uit je mouw, en dan lijkt het net of je maar een halve arm hebt.
Na afloop hadden we behoorlijke trek, dus we moesten op zoek naar voedsel. Dat werd de Bin Dawood, terwijl ons door de medewerker afgeraden was de Bin Dawood te bezoeken tijdens de deze dagen vanwege de enorme drukte. Maar ja, ze verkopen daar verse pizza, en niets kon de hongerige mannen daar meer van afhouden.. Terwijl zij in de rij stonden voor pizza scharrelde ik nog wat toetjes en pakjes drinken bij elkaar in de enorm drukke winkel, een aantal schappen waren helemaal leeg. Daarna moesten we in de rij gaan staan. Sommige mensen raakten geïrriteerd en maakten ruzie, vooral als mensen voor gingen dringen of producten doorgaven naar iemand die vooraan in de rij stond. Wist je dat er hier, zelfs op deze dagen, gestolen wordt? Mensen eten en drinken in de winkel, en laten de verpakking gewoon liggen. Subhan Allah, onvoorstelbaar. Crazy hajji’s man! Ik had maghrib nog niet gebeden, en de tijd begon te dringen. Maar alhamdulillaah, we zijn in een land met veel moslims. Dus ik pakte mijn gebedskleedje en ging aan de zijkant bidden. Kan je het je in Nederland voorstellen, bidden in de rij bij de supermarkt? Maar hier is het gebed de normaalste zaak van de wereld, alhamdulillaah. De mannen wilden hun pizza op een rustige (en een beetje schone) plek op eten, en ja hoor, uiteindelijk zaten we in het restaurant van het hotel met onze pizza’s. Na het eten kon ik even op internet en gingen de mannen even uitrusten (lees: uitbuiken). Daarna gingen we weer naar Mina.
Onderweg zagen we overal straatverkopers met allerlei spulletjes zoals gebedskleedjes, slippers, tasbih, enz. In alle parkjes en op straathoeken lagen mensen te slapen, sommigen op matjes, anderen op karton. We zochten een plek om te overnachten, maar het was best wel vies overal. Uiteindelijk vonden we een plek tegen een betonnen ‘dranghek’, waar we mijn matrasje bij legden en gingen zitten. We praatten wat, en daarna probeerde ik te slapen. Het was druk op straat en er liepen steeds mensen langs. Het was warm. Alhamdulillaah viel ik na een tijdje in slaap. Mijn man vertelde dat vier meter verderop, bij een hoopje afval, een oud mannetje op zijn hurken ging zitten, met een flesje water. Hij dacht: die gaat wudoo’ doen. Maar opeens kwam er een straaltje onder zijn jellaba vandaan, opa zat gewoon te plassen! Maar ja, subhan Allah, wat moeten de oude mensen anders in die drukte? De w.c.’s waren ver weg, vies en superdruk.
Aan het eind van de nacht maakten we allemaal wudoo’ en wachtten op het fajr gebed. Dat baden we ter plekke. Mijn man en zijn vriend baden op een gebedskleedje, daarna kwam er een man met een deken naast, daarna nog een paar mannen, enz. Zo ontstond er een hele rij. Dat was leuk om te zien mashaa Allah. Vervolgens luisterden we een lezing op de mp3 speler en deden dhikr. Mijn man en zijn vriend vielen even later een beetje in slaap. Toen de zon opkwam, kreeg ik het al gauw erg warm.
We gingen op zoek naar een plekje in de schaduw, maar alles was bezet of vies. Mijn man werd hoe langer hoe chagrijniger. We besloten om wat eten te gaan halen bij het snackrestaurant ‘Baik’, dat was het dichtstbij. Er stond een behoorlijke rij, dus wij sloten achteraan. Maar een mannetje wees op mij, en gebaarde dat ik ergens anders moest gaan staan. Subhan Allah, er bleek een aparte vrouwenkassa te zijn en een – op dat moment niet bestaande – rij voor vrouwen. Ik was dus direct aan de beurt, en bestelde heel verbaasd drie menu’s. Ik vergat te vragen of het met drinken was, dat was het dus niet. Maar gair inshaa Allah. Het kostte 45 Riyal, ongeveer 8,50 euro. Omdat we geen plekje konden vinden in de schaduw, besloot mijn man een heel steile heuvel op te klimmen om daar te zitten. Ik ging er achteraan, met eten en matrasje en al. Een aantal mannen keek me hoofdschuddend aan, maar ja, je moet wat..Ik vond een plekje waar ik precies tussen paste, tussen de muur en één of andere buis. En zo gebeurde het, dat ik om 7.30u ’s ochtends patat en kipnuggets zat te eten op een steile heuvel in Mina, met een leuk uitzicht over Mina en de mensen. Mijn man moest al gauw weer naar beneden, omdat het zijn vriend niet gelukt was naar boven te komen. Ik mocht nog even blijven zitten. Naar beneden klauteren was lastig, vooral vanwege de losse steentjes en zand, maar als je het op je hurken deed en je handen erbij gebruikte ging het wel. Toen we vervolgens weer nergens een plekje konden vinden om te zitten, had mijn man het echt gehad. Het is sunnah om in Mina te verblijven en je tijd door te brengen met dhikr, maar er kwam niet veel van dhikr in die drukte en viezigheid. Ik vond het erg jammer en wilde eigenlijk blijven, maar we gingen terug naar het hotel. Dat was rond 8.30u. We gingen rusten, en vertrokken om 16.30u weer om te gaan stenigen. Ook nu was het alhamdulillaah weer best rustig. Er zijn meerdere verdiepingen en het is allemaal groots opgezet, dat helpt echt veel. We stenigden en maakten du’a. Daarna gingen we terug naar het hotel om te eten en te slapen.

Dag 19
Mijn man ging met fajr naar de Ka’bah maar had mij niet gewekt. Hij had ook tawaaf gedaan. Dus toen ik eind van de ochtend wakker werd en dat las in een sms was ik wel een beetje verontwaardigd. Later vertelde hij dat het megadruk was geweest, en dat het beter was dat ik niet meegegaan was. Hij werd af en toe half geplet en bij de tawaaf kwamen ze amper vooruit. Ik typte weer een verslagje aan de hand van mijn dagboek. Verder wat gelezen en gerust. Ik ontving een sms van de overheid waarin stond dat iedereen uit veiligheidsoverwegingen afgeraden werd naar Masjid al Haram te gaan, vanwege de grote drukte. Dus gingen we niet, en maakten we er een rustig dagje van.

Dag 20
Maandag gingen we aan het eind van de middag naar de Zamzam tower. Ik dacht dat het een klein lokaal winkelcentrum was, een beetje afgelegen (en hopelijk goedkoop). Nou dat was het dus juist niet haha. Het was een groot en modern Westers winkelcentrum vlak naast de Ka’bah. Er reden vandaag weer bussen van Milli Görüs, wel tegen een kleine vergoeding (2,50 euro p.p.) maar wij vonden het prima. Onze organisatie heeft echt een goede service alhamdulillaah.
Je had bij de Zamzam tower allerlei Westerse fastfoodzaken. Mijn man ging meteen op zoek naar wat lekkers te eten. Ik at iets Aziatisch met pasta, garnalen en salade. Mijn man at een pizza van de Pizzahut en gebakken aardappeltjes. Als toetje aten we lekkere ijsjes, die wel behoorlijk duur waren maarja, dat mocht wel voor een keer. We hoorden opeens een aantal broeders in het Nederlands zeggen dat ze alle smaken ijs wel wilden proeven, en mijn man raakte met hen in gesprek. Deze broeders, uit de omgeving van Utrecht, hadden 1000 euro meer dan wij betaald maar waren niet erg tevreden over hun reisorganisatie. Zij kregen geen warme maaltijd ’s avonds, alleen een ontbijt dat voornamelijk bestond uit tomaat en komkommer. Hun organisatie organiseerde geen uitstapjes, er waren voor hen geen bussen geregeld om naar de moskee te gaan, enz. Ze werden een beetje aan hun lot overgelaten. Eerder al spraken we Turkse mensen die met Diyanet waren gekomen. Diyanet is een mega grote organisatie van de Turkse overheid. De meeste Nederlandse moskeeën zijn bij hen aangesloten en ze hebben ook veel hotels in Mekkah. Mensen van Diyanet waren redelijk tevreden, maar als we het zo hoorden is onze organisatie toch beter. Zij hebben 2 verschillende menu’s per week in het hotel, wij 7 verschillende. Eerst reden er wel bussen voor hen, later liep het allemaal in de soep. Verder zijn er ook amper uitstapjes, waardoor ze zelf veel geld moeten uitgeven aan taxi’s om naar bepaalde plaatsen te gaan. We zijn dus erg tevreden over onze keuze voor Milli Görüs tot nu toe, wa’lhamdulillaah.
Na het bezoek aan de Zamzam tower gingen we naar Masjid al Haram om te bidden. We beseften ons goed dat we nog maar een paar dagen hebben hier. We gaan het echt missen om te bidden met zicht op de Ka’bah.. om te bidden naast mensen uit de hele wereld.. om te bidden op de plek waar onze geliefde Profeet, salallahu alayhi wasalam, en de sahaba gebeden hebben.. de plek waar ons gebed 100.000 keer meer waard is..

Dag 21
Mijn man en zijn vriend vermaken zich wel in het hotel. Zo speelden ze voor kappertje in de kapsalon (de kapper is al een aantal dagen spoorloos) en schoren allerlei mannen kaal. Eentje wou eigenlijk een model, maar dat zei hij pas nadat hij in de spiegel zag dat hij half kaal geschoren was haha. Alper’s vader was ziek en hij zorgde voor hem, ging met hem naar het ziekenhuis enzo. Zelf voelde hij zich ook niet helemaal fit. Toen zijn vader zich wat beter voelde ging hij met hem naar de Ka’bah en hielp hem met het doen van tawaaf enzo. We zagen hem in ieder geval niet zo veel, die laatste dagen in Mekkah.
Ik heb keelpijn en ben hees vanwege de ventilator die mijn kamergenoten ’s nachts op maximaal zetten. Nog een paar dagen geduld inshaa Allah.
Om 21u ging onze groep naar Masjid al Haram. Wij wilden liever wat later gaan, in de hoop dat het rustiger zou zijn. Later werd gevraagd of wij ons te goed voelen voor hen, en dat het ‘jammer voor ons is dat wij afgedwaald zijn’, maar ja gair inshaa Allah. Om middernacht vertrokken we naar Masjid al Haram. De straten zagen er veel beter uit alhamdulillaah, er was al veel opgeruimd. Ook de wudoo plaatsten bij Masjid al Haram waren weer schoon en roken lekker naar schoonmaakmiddel. Mijn man wilde graag beneden tawaaf doen bij de Ka’bah. Boven was het rustiger, maar uiteindelijk deden we wat hij wou. We deden 7 rondes van tawaaf, maakten du’a en reciteerden Qur’an. Af en toe werd onze concentratie ruw verstoord door mensen die aan je trekken en duwen, en mensen die zich overal doorheen proberen te proppen. Het kost me dan echt veel moeite om me niet te erg te irriteren en me daarna weer op mijn dhikr te concenteren. Als je zo’n handje steeds in je rug of zij voelt duwen krijg je soms echt de neiging die hand van je af te slaan, of als er iemand hard aan je hoofddoek trekt krijg je zin om je hoofddoek hard weg te trekken, of als er iemand langs je wil glippen krijg je zin om die persoon geen mogelijkheid te bieden er tussen te komen… sabrrr… Wanneer het druk werd liet mijn man mij even voor zich lopen. Na 45 minuten waren we klaar met tawaaf en zochten we een rustig plekje om twee rak’at te bidden. We vonden een mooi plekje met zicht op de Ka’bah. In de eerste rak’at moet je sura al Fatiha reciteren en sura al Kafirun, in de tweede sura al Fatiha en al Ikhlaas. Na afloop dronken we een lekker koud bekertje Zamzam. Bij de ‘bushalte’ kocht ik nog een boekje met mooie foto’s van de Ka’bah. Toen we in de bus terug naar huis zaten was het 2.30u. Eenmaal bij het hotel gekomen dronken we nog een kopje thee. Mijn keelpijn was veel erger geworden. Ik moest echt even goed rust nemen.

Dag 22
Ik sliep uit tot 12u. Mijn man was na fajr met zijn vriend naar de Bin Dawood gegaan en ze hadden voor mij ook een pizza meegenomen. Toen ik wakker werd perste mijn man een hele stapel sinaasappels voor mij uit, voor de vitamientjes. Wel lief.
We kijken erg uit naar Medina. De vriend van mijn man zei dat we wel moeten oppassen met het hebben van te hoge verwachtingen, want anders stelt het ons misschien teleur.
We gingen weer even naar het winkelcentrum waar we al eerder geweest waren, Salaam shoppingcenter. Ik kocht er wat souvernirs, zoals sleutelhangers en ook kochten we een zak snoep.
’s Avonds ging ik nog even met mijn laptopje op internet in het hotel. Mijn man zat te praten met andere broeders en de imam. De afgelopen dagen zijn er al veel groepen naar Medina vertrokken en is het hotel veel leger geworden. De imam vroeg aan mijn man of hij voor de laatste twee nachten nog een eigen kamer wilde. Hij hoefde het niet per sé, die laatste nachten maakten hem ook niet zoveel meer uit en hij had geen zin in gesjouw met spullen. Maar mij klonk dat aanbod wel erg aantrekkelijk in de oren. En zo kreeg ik een eigen kamer, waar ik de laatste twee nachten in alle rust en zonder ruzies of ventilator kon slapen. Gewoon het raam open ’s nachts, en als ik weg was even de airco aan. De kamer had wel één nadeel, en dat was dat de lampen niet aan konden haha. Maar ja, dat maakte mij niet zoveel uit.
[Foto: Uitzicht vanuit het restaurant in het hotel, rechts op de achtergrond de berg Jabal an Nour]
Dag 23
Onze laatste dag in Mekkah was aangebroken. We moesten op deze dag de afscheidstawaaf doen omdat we de volgende ochtend om 5u zouden vertrekken. Er is een hadith waarin staat dat de afscheidstawaaf het laatste moet zijn wat je doet voordat je Mekkah verlaat. Ik deed nog een laatste was en hing alles op het dak om te drogen. Ook deed ik ’s middags nog even een dutje, heerlijk in alle rust op mijn eigen kamertje. Later hoorde ik van mijn Turkse kamergenootje dat ze weinig had geslapen die nacht omdat er weer veel ruzie was geweest. G.O. was ziek geworden en gaf haar kamergenoten daar de schuld van. Vooral de niet-Turkse kamergenoot werd beschuldigd, maar dat was ten onrechte. Het Turkse meisje kwam voor haar op, en toen kreeg zij ruzie met G.O. Was ik even blij met mijn eigen kamertje, ondanks dat het ’s ochtends en ’s avonds een beetje donker was, en in de douche al helemaal haha.
Laat in de avond deden we de afscheidstawaaf. Mijn man wou het weer graag beneden doen, maar ik had echt geen zin meer in die drukte. Ik wilde mijn laatste tawaaf in alle rust doen, zodat ik me goed kon concentreren. Op de 2e verdieping was het heerlijk rustig, en niet te warm omdat het in de open lucht is. Mijn man mopperde nog dat tawaaf beneden maar 45 min. duurt en boven veel langer, maar kom op, gaat het om minuten of om ‘ibada? Anders kan je net zo goed je skeelers meenemen en een paar tawaaf-rondjes racen. Boven duurde het inderdaad een kwartier per ronde, dus bijna 2 uur in totaal, maar ik kon me echt goed concentreren. Ik zat een beetje in mezelf te mopperen vanwege groepen shi’a die met z’n allen aan het zingen waren. Even later kwam er opeens een shi’a vrouw naar me toegelopen en gaf me een tasbih als cadeautje. Ik gebruik het normaal gesproken niet, maar ik vond het wel lief. Bovendien is ‘ie roze met zilveren bloemetjes, en ik ben dol op roze. Moge Allah de shi’a leiden, ameen.
Na afloop gebeden en Zamzam gedronken. Mijn man had het verlangen om Hadjar al Aswad (de Zwarte Steen) aan te raken voordat we weggingen. Hij zei: “Ik heb zo het gevoel dat het me zelfs gaat lukken om de Steen te kussen inshaa Allah.” Het aanraken en het kussen van de Steen is bekend uit de Sunnah, laat ik dat er even bij zeggen. Ik bleef boven, want voor vrouwen is het echt veel te druk en het is ook gevaarlijk. Vanaf boven keek ik of ik mijn man kon zien, maar ik zag niks. Of ja, ik zag natuurlijk een heleboel, maar ik zag hem niet. Dat is ook niet zo gek; er waren daar duizenden mannen met een baard, een kaalgeschoren hoofd en een jellaba. De vriend van mijn man raakte het ijzer waar de Zwarte Steen in zit meerdere keren aan. Mijn man raakte de Zwarte Steen aan en kuste hem. Ik wachtte boven tot ze terug waren.
Vervolgens kochten ze twee bidons en vulden die met Zamzam water, om mee te nemen naar Nederland. Ik zat te wachten, ik was erg moe en had weer eens hongerrrr. Ik ben hier helaas al veel afgevallen, maar gair inshaa Allah. In Nederland hadden we gehoord dat veel vlees hier uit Brazilië en andere landen in Zuid-Amerika komt, en dat het vaak niet halal is. Een paar keer werd bevestigd dat het vlees dat we wilden eten halal was. Maar deze dag, vlakbij de Ka’bah, toen mijn man vroeg waar het vlees vandaan kwam, antwoordde de man dat het uit Argentinië kwam. Toen mijn man vroeg of het halal was, keek hij weg en wilde geen antwoord geven. Subhan Allah. Bijna niemand vraagt hier of het vlees halal is, omdat velen er vanuit gaan dat het vlees in Saoedie, en zeker in Mekkah, wel halal zal zijn. Alhamdulillaah heeft mijn man daarna ergens anders een lekker Marokkaans plat broodje met gebakken ei gekocht voor me, en weer een mango-shake. Rond 3u ’s ochtends waren we terug in het hotel. We zouden rond 5u vertrekken, het werd dus een kort nachtje. Wel was mij verteld dat het om 5 uur ‘Turkse tijd’ zou zijn, dus het kon ook wel een uur of twee later worden.
De volgende keer inshaa Allah meer over de reis naar Medina en mijn eerste bezoek aan de moskee van de Profeet, salallahu alayhi wasalam.
Dag 24
Om 6.15u schrok ik wakker. Oh nee, straks heb ik de bus gemist! Ik kleedde me vliegensvlug aan en propte de laatste spulletjes in mijn koffers. Ik keek uit het raam en zag alhamdulillaah nog allemaal koffers buiten staan, en mensen die aan het wachten waren. Ik belde mijn man: had hij zich ook verslapen? Nee, hij was niet gaan slapen, maar omdat hij had gemerkt dat het vertrek nog wel even zou duren, had hij mij nog niet wakker gebeld. Iets minder gestresst ging ik ontbijten.
Wat later gingen we de bus in. De bus van onze eigen groep zat vol, dus we werden in een andere bus, bij een andere groep geplaatst. De achterste vijf stoelen waren nog vrij alhamdulillaah, met drie personen hadden we daar ruime plekken. Uiteindelijk vertrokken we om 8u. Mijn man en zijn vriend waren binnen 10 minuten na vertrek in slaap gevallen. De afstand naar Medina is ongeveer 450 km. We gaan Masjid al Haram en de Ka’bah wel missen!!
Onderweg kregen we eten en drinken bij een checkpoint. Ze gaven een flesje Zamzam, crackers, koekjes, bronwater, een dadelkoekje, chips, een klein bakje fruit op siroop en ook nog een waterijsje. Mashaa Allah, moge Allah hen belonen.
Onderweg dacht ik veel aan de Profeet, salallahu alayhi wasalam, en de sahaba, die deze reis niet in een chille bus aflegden, maar op hun kamelen of te voet. Subhan Allah. Ik dacht aan het verhaal van Barakah, Oem Ayman, die zelfs alleen was gekomen. Toen ze aankwam in Medinah had ze overal blaren en was ze erg vermoeid, subhan Allah. Tussen Mekkah en Medina zie je voornamelijk woestijn / steppe gebied, veel zand en stenen. Snikheet, droog, amper schaduw te vinden. Als ze vroeger 50 km per dag aflegden te voet, deden ze er alsnog 9 dagen over. Wat een imaan hadden die mensen, en wat een doorzettingsvermogen. En wat een beloning inshaa Allah..
Onze busreis duurde uiteindelijk 7 uur. Mijn keelpijn verergerde van de airco, maar zonder airco had ik het weer te warm. Onderweg zagen we herders met groepen kamelen, twee keer een kudde schapen en wat tenten van woestijnbewoners. Wat ik wel grappig vond, was een man die op een kameel met z’n mobieltje zat te bellen, echt in the middle of nowhere.
Tegen de tijd dat we er waren voelde ik me ziek. De bus waar wij in zaten reed naar het hotel van de andere groep. Het was al bijna tijd voor assr en we hadden dohr nog niet gebeden. Op zich niet zo’n probleem zou je denken, want als reiziger kan je die twee gebeden samenvoegen. Maar bijna alle mensen van onze groep geloven in een hadith die stelt dat als je 40 gebeden in Masjid an Nabawi bidt, je wordt beschermd tegen het vuur en tegen hypocrisie. We zouden 8 dagen in Medina blijven, en als je alle 5 gebeden dan in Masjid an Nabawi bidt, haal je die 40 precies. Na enig onderzoek en hulp van een zuster (barak Allahu feeki oughti) kwamen we uit op de volgende informatie omtrent deze hadith: Deze hadith is overgelverd door imam Ahmad, maar da’eef bevonden door shaykh al Albaani. Shaykh bin Baaz heeft gezegd: ‘Wie deze hadith verteld heeft, heeft het verkeerd. Deze hadith is da’eef en kan volgens de geleerden niet aan worden genomen als bewijs, of als betrouwbaar worden gezien. Anas ibn Malik heeft overgeleverd dat de Profeet, salallahu alayhi wasalam, zei: ‘Wie 40 dagen in jama’ah (congregatie) bidt, altijd aanwezig is bij de eerste takbir, voor hem zal opgeschreven worden dat hij veilig zal zijn voor twee dingen: voor het vuur en hypocrisie.’ Hasan geclassificeerd door al Albaani in sahih at Tirmidhi. Maar deze hadith is in het algemeen toepasbaar, en niet op slechts één moskee, of enkel op Medina of Mekkah. En Allah weet het het beste.
Verder vraag ik me persoonlijk nog af hoe het dan zit met vrouwen, omdat er een hadith is die stelt dat het gebed van een vrouw in haar eigen huis beter is dan buiten. Moge Allah ons leiden naar de Waarheid, ameen.
We liepen van het hotel waar we waren naar Masjid an Nabawi, dat was nog geen 10 min. lopen. Ik zag allemaal bloemvormige dingen, die zorgden voor schaduw. ’s Avonds klappen die bloemen weer in en worden ze palen met lampen. We baden buiten, dat vond ik wel een beetje jammer want ik was erg benieuwd naar de moskee. De sfeer was veel rustiger dan in Mekkah, je voelde echt een bepaalde rust over je komen.
Later werden we met een auto naar het juiste hotel gebracht. Ik zit weer met het Turkse meisje op de kamer met wie ik het goed kan vinden, en met twee vrouwen die ik nog niet echt kende. Ze zijn erg aardig alhamdulillaah. G.O. heeft volgens mijn Turkse kamergenootje een 2-persoonskamer voor haar alleen gekregen, haha. Zo is iedereen blij. Onze kamer is ongeveer 20 vierkante meter groot, daarin staan vier bedden, vier nachtkastjes en een stoel. Als iedereens koffers er ook in staan heb je nog net een klein stukje om te lopen. Mijn man ging met maghrib weer naar de moskee, maar ik had zo’n honger en voelde me ziek en moe. Ik ging eten bij het restaurant. Voor de zekerheid vroeg ik wel of het halal was. De jonge jongens die er werkten wisten het niet. De chef, ook aanwezig, reageerde een beetje geïrriteerd en zei van wel, en dat het uit Mekkah kwam. Dat vond ik wel een beetje vreemd, want in Mekkah zelf wordt het meeste vlees geïmporteerd. Of zou hij bedoelen dat het eerst geïmporteerd werd naar Mekkah, en dat hij het vervolgens naar Medina haalde? Ik vond het maar een vage zaak. Alhamdulillaah was er ook vis die dag, rijst, en groente. Later kwam iedereen terug van de moskee en de mensen stonden in enorme rijen te wachten bij het eten.
‘Isha baden we weer in Masjid an Nabawi. Ik had koorts en zweette. Ik voelde me ook erg moe. De mannen bezochten het graf en de Rawdah kamer redelijk snel. Wij stonden een uur in de rij. Toch is daar ook wel een voordeel aan, want de vrouwen die daar werken zorgen er voor dat iedereen aan de beurt komt om in de Rawdah kamer te bidden. We konden niet echt vlakbij het graf komen, want dat is bij het mannengedeelte, maar wel best dichtbij. Toen we naar binnen mochten begon iedereen elkaar te duwen. Alhamdulillaah vond ik een plekje om twee raka’at te bidden. De Profeet, salallahu alayhi wasalam heeft gezegd dat de Rawdah kamer een tuin van het Paradijs is. Vervolgens maakte ik du’a voor de Profeet, salallahu alayhi wasalam, Abu Bakr en ‘Umar. Zij zijn daar allemaal begraven, moge Allah hen belonen met het allerbeste en ons later in het Paradijs met hen verenigen, ameen. Onderweg naar het hotel verdwaalde mijn groepje een beetje, maar alhamdulillaah lag ik uiteindelijk tegen een uur of 1 in bed.
[Foto: deze foto heb ik van internet gehaald omdat het niet toegestaan was om foto's te maken in Masjid an Nabawi. Op de foto zie je de Rawdah kamer, gekenmerkt door het groene tapijt.]
Dag 25
De volgende ochtend stonden we om 4.30u op om fajr te kunnen bidden in Masjid an Nabawi. Ik voelde me niet lekker; keelpijn, hoesten, hoofdpijn en volgens mij een beetje koorts. Ik miste mijn eigen huis, mijn eigen bed, mijn eigen eten, mijn familie en vriendinnen, onze kat… oké mijn werk miste ik niet, maar verder alles wel. De groep ging naar moskee Quba, en ik wou erg graag mee. Maar het enige wat mijn lichaam wilde was rust. Bovendien zouden ze lopend gaan, en ik had er weinig vertrouwen in dat het echt ‘een klein eindje’ zou zijn. Achteraf had ik dat goed ingeschat: het was bijna een uur lopen. Mijn man bracht me snel even terug naar het hotel. Ik ging op bed liggen en sliep tot begin van de middag. Daarna bracht mijn man me brood, Nederlandse kaas, toetjes en wat fruitsap. Ik bleef in bed en las een beetje. Mijn Turkse kamergenootje had een cadeautje voor me gekocht, een ring, dus dat was wel lief.
Mijn man en zijn vriend hadden inmiddels ontdekt dat je met de vaste telefoon op de hotelkamer gratis naar andere kamers kon bellen… Ze belden naar andere leden van onze groep en spraken dan Engels, en hingen één of ander onzinverhaal op. Het is me ook een stel..
Alper had de eerste dag zomaar een kamernummer genoemd toen hij de sleutel op kwam halen. En wat bleek: die kamer was nog helemaal leeg. ‘Joepie,’ dacht Alper, ‘een kamer voor mij alleen!’ ’s Nachts kon hij niet goed slapen vanwege de warmte, en probeerde elk bed even uit. Ook doet hij elke dag wat fitnessoefeningen, en daar moest ruimte voor gemaakt worden op de kamer. Kortom; het was een beetje een zootje geworden. Toen men later ontdekte dat zijn kamer niet bij het aantal kamers van Milli Görüs hoorde, moest hij 750 Riyal betalen voor die ene nacht! Alhamdulillaah heeft onze leiding het afgehandeld voor hem. Nu slaapt hij met mijn man, zijn vriend en nog een andere Turkse man op de kamer. Mijn man zei voor de grap dat Alper zo hard snurkt dat de gordijnen bij elke ademhaling heen en weer bewegen!
’s Avonds perste mijn man weer sinaasappels en een granaatappel uit en gaf iedereen een bekertje sap. Ik kreeg er twee, om weer beter te worden inshaa Allah. Ik voelde me ook al wel wat beter na het nemen van rust die dag. Om 22.30u lagen mijn Turkse kamergenootje en ik al in bed. We keken op tv naar de Ka’bah. Zodra je ziet dat het was rustiger is bij de tawaaf, denk je al van: 'ja, nu kunnen we'. De Ka’bah heeft echt een bepaald soort aantrekkingskracht. Toen we er waren konden we wel uren naar de Ka’bah kijken…

Dag 26
Na fajr vertrokken we vanaf het hotel met de bus naar de berg Uhud. Hier hoort even een stukje Islamitische geschiedenis bij..
De eerste beslissende veldslag in de geschiedenis van de Islaam was de veldslag van Badr, aan het einde van het 2e jaar na hijrah. In eerste instantie was het enkel de bedoeling een grote karavaan van de Quraish te onderscheppen. Toen de Quraish dat hoorden, werden ze woedend en stuurden hun mannen om tegen de moslims te vechten. De karavaan ontsnapte, maar er ontstond toch een gevecht tussen de moslims en de ongelovigen uit Mekkah. De ongelovigen waren met ongeveer 1000 man, de moslims met 300. Allah liet engelen aan de kant van de moslims meevechten. De Profeet, salallahu alayhi wasalam, gooide wat zand, en Allah liet het de vijand verblinden. De strijd eindigde in een overwinning voor de moslims.
Vervolgens veroorzaakten de moslims een economische blokkade voor de Quraish, door te zorgen dat hun karavanen niet meer langs Medina konden gaan. Dit in combinatie met de woede over het verlies van de veldslag van Badr, was de aanleiding voor de veldslag van Uhud. In Sjawwal van het 3e jaar na hijrah marcheerde een leger van 3000 mannen en 15 vrouwen (waaronder Hind bint Oetbah) richting Medina. In eerste instantie wilde de Profeet, salallahu alayhi wasalam, Medina vanuit de stad zelf verdedigen. Na overleg met de sahaba werd besloten om ze vlak buiten Medina te bevechten, bij de berg Uhud. Het moslimleger bestond uit 1000 mannen. Kort voor het gevecht bedachten 300 hypocrieten zich en trokken zich terug. Vijftig boogschutters werden geselecteerd om de rug van het moslimleger te beschermen vanaf een heuvel. Zij mochten om geen enkele reden hun positie verlaten totdat de Profeet, salallahu alayhi wasalam, hen zou laten halen.
In het begin van de strijd was het moslimleger sterker. Toen de boogschutters het idee kregen dat ze de strijd gewonnen hadden, verlieten ze hun positie. Een groep van de Quraish omsingelde het moslimleger. De Profeet, salallahu alayhi wasalam, had slechts 9 mannen om zich heen die hem verdedigden, hij vocht zelf ook mee. Uiteindelijk bleven er nog 2 mannen over die hem verdedigden. Eén man van de Quraish raakte hem met een steen in zijn gezicht, waardoor zijn snijtand rechtsonder, de tand tussen zijn hoektand en voortand, deels afbrak en zijn lip was verwond. Een andere man maakte een snee in zijn voorhoofd met zijn zwaard, en later kreeg hij zo’n klap tegen zijn hoofd dat twee ringen van zijn helm zich in zijn wang boorden. Hij zei: “Oh Allah, vergeef mijn mensen, want zij hebben geen kennis.”
Toen de leider van het leger van de Quraish er aan het eind van de strijd achter kwam dat de Profeet, salallahu alayhi wasalam, niet gedood was, sprak hij met hen af dat zij elkaar het volgende jaar opnieuw zouden ontmoeten bij Badr. De moslims hadden veel verliezen geleden, maar men kan niet zeggen dat deze veldslag was gewonnen door de Quraish.
Wat de berg Uhud betreft, de Profeet, salallahu alayhi wasalam heeft gezegd: “Uhud is een berg die van ons houdt, en wij houden van hem.” Ook heeft hij gezegd dat de berg Uhud zich boven één van de tuinen van het Paradijs bevindt.
Na het bezoek aan Uhud gingen we naar Masjid al Qiblatain (de moskee met de twee gebedsrichtingen). In de begintijd van de Islaam was de qiblah van deze moskee richting Jeruzalem gericht, naar Masjid al Aqsa. Later kreeg de Profeet het bevel van Allah om de qibla richting de Ka’bah te maken. De moskee kreeg toen een tweede mihraab, richting de Ka’bah. De oude bestaat nu niet meer maar je ziet er wel een gedenkteken van.
’s Middags deden we rustig aan. In de avond gingen we naar een winkelcentrum aan de rand van de stad, op zoek naar jellaba’s, abaya’s, enz. Bijna alle kleding die we in de buurt van het hotel zien is made in China (en alle andere spulletjes die ze verkopen ook), dus ik hoopte bij dit winkelcentrum wat anders te vinden. Maar het bleek een erg westers winkelcentrum te zijn, met zelfs de Vero Moda, Mango en Bershka! Er was ook een mini indoor pretparkje, met onder andere een kleine achtbaan. We hebben er wel lekker gegeten alhamdulillaah.

Dag 27
Op maandag hebben we niet zo veel boeiends gedaan. Ik was niet meer ziek maar wilde wel rustig aan doen. De groep ging te voet langs allerlei moskeeën, maar het leek mij te vermoeiend om mee te gaan. Ik typte een verslagje uit, we baden bij Masjid an Nabawi, en deden gewoon rustig aan. Met maghrib kleurt de lucht hier prachtig roze met blauw. In combinatie met de verlichte minaretten van de moskee is het echt heel mooi om naar te kijken, alhamdulillaah. ’s Avonds ging mijn man op zoek naar goeie dadels met zijn vrienden, terwijl ik vroeg naar bed ging.

Dag 28
Ook op dinsdag deden we niet zo veel. We haalden boodschappen bij de Bin Dawood en kochten cadeautjes voor familie en vrienden. De sfeer in Medina is rustiger dan in Mekkah, de mensen zijn ook rustiger en gemoedelijker. De verkopers in de winkeltjes kunnen nogal bot zijn, maar ja. Over de prijs valt meestal te onderhandelen, ook al doen ze in eerste instantie misschien een beetje moeilijk. Iets kost bijvoorbeeld 20 Riyal, maar als je even vraagt naar de ‘best price’ kost het 15 Riyal. De ene taxichauffeur vraagt 40 Riyal, maar als je even wacht en blijft proberen vind je er ook eentje voor 20 Riyal.
[Foto: de zonneschermen bij Masjid an Nabawi]
Dag 29
Om 10u gingen we naar een museum. Ik dacht nog: hier maakt het niet uit dat ik niet zo goed Turks versta, want in een museum kan ik alles gewoon zelf bekijken. Maar het bleek een gebouwtje te zijn met twee kamers: één was een soort winkeltje en de andere had maquettes van Medina van vroeger en plattegronden, en stoelen om op te zitten. De Turkse imam vertelde over de hijrah en de opbouw van Medina, en hij vertelde vast nog veel meer mooie dingen alleen dat verstond ik niet. De maquettes en plattegronden waren interessant om te zien. Na dohr ging ik even een middagdutje doen. Mijn man haalde buiten wat eten voor me en bracht het naar mijn kamer (een lekker pizzaatje). Na ‘isha gingen we weer even winkelen.
Het Mysterie van het Braziliaanse Vlees is trouwens (deels) opgelost alhamdulillaah! De imam vertelde dat er moslims uit Libanon (als ik het goed onthouden heb, het kan ook een buurland zijn) zijn die naar Brazilië zijn verhuisd en daar Islamitische slachterijen hebben opgestart. Het vlees verkopen ze aan allerlei landen, waaronder ook Saoedie. Dus vlees uit Brazilië hoeft niet altijd haram te zijn, het kan ook halal zijn inshaa Allah. Wa’lhamdulillaah.

Dag 30
Ik had gehoord dat de Rawdah kamer een uur na fajr redelijk rustig is. Dus besloot ik om er vandaag om 7.30u heen te gaan. Het was inderdaad rustig, er zaten pas een paar Turkse mensen te wachten. Maar we moesten wachten tot de groep groot was, waarom weet ik niet. Na een uur vond de begeleidster dat we verder mochten, dus we liepen een stukje en moesten weer zitten. Sommige mensen van andere groepen probeerden te ontsnappen en naar de Rawdah te rennen. Het is erg grappig om te zien, je ziet zo’n Afrikaans omaatje heel sneaky onder het touw door gaan en dan opeens op haar hardst rennen.. een Saoedische begeleidster in burka er meteen achteraan.. Even later mochten we weer lopen, mensen verdringen elkaar, maar vervolgens moesten we weer gaan zitten. Uiteindelijk duurde het drie uur tot we de Rawdah binnen mochten, subhan Allah. Ik heb er gebeden en du’a gemaakt. Daarna ging ik terug naar het hotel.
Bij het hotel geluncht en daarna even geslapen. Met mijn man buiten wat gedronken en gegeten. ’s Avonds was er een afscheidsavond bij een dadeltuin. Er waren een aantal schapen voor onze groep geslacht zeiden ze. We aten schapenvlees met rijst, salade en yoghurt. De jongste en oudste hajji’s van de groep kregen een prijs. Mijn man en ik bleken het jongste stel te zijn. ’s Nachts gingen mijn man en zijn vrienden naar de Rawdah kamer en bleven daar een aantal uur, het was op dat tijdstip erg rustig.

Dag 31
Na fajr gingen mijn man en ik met de taxi naar Masjid al Quba. Dit is de eerste moskee in de geschiedenis van de Islaam. Toen de Profeet, salallahu alayhi wasalam, emigreerde naar Medinah kwam hij op maandag, de 8e van de maand Rabi al-Awwal (oftewel 23 september 622) aan in Quba. In de vier dagen dat hij daar verbleef werd de basis van Masjid al Quba gebouwd, en ze baden daar. De Profeet, salallahu alayhi wasalam, heeft gezegd: “Degene die zich thuis reinigt, vervolgens naar Masjid al Quba gaat en daar het gebed verricht, ontvangt dezelfde beloning als van een ‘Umrah.” De Profeet, salallahu alayhi wasalam, bezocht moskee Quba later (lopend of rijdend) op zaterdag en bad daar dan twee raka’at. In navolging van deze sunnah en hopend op de beloning, gingen wij dus naar de moskee en baden daar.
Op straat was het heerlijk rustig, en in de ochtend was het ook helemaal niet zo warm. We wandelden een eindje en bekeken de mooie dadelpalmen in de buurt. We kwamen bij een zaakje waar ze verse sappen persten en lekkere broodjes met omelet verkochten. Behalve ons was er verder niemand. Toen we later buiten liepen in een rustige woonwijk, had ik wel het gevoel dat ik hier een beetje tot rust gekomen ben. ’s Middags was het jumu’ah, het was heel druk.
Na assr betrok de lucht en ik zei dat er uit die wolken wel eens regen zou kunnen komen. Kort daarna begon het te onweren, en niet zo’n beetje ook. We voelden regendruppels en liepen snel verder. Toen het harder begon te regenen gingen we schuilden onder de ‘bloem’ schermen die eigenlijk voor schaduw bedoeld zijn. Het was echt een plensbui, subhan Allah. Wat een barakah van Allah, zodat de planten weer kunnen groeien, de dieren kunnen drinken en de straten weer schoon worden. Sommige mensen gingen expres in de regen staan en veegden hun gezicht met het water. Ook zagen we nog een hele mooie regenboog, boven Masjid an Nabawi.
Toen de bui over was gingen we op zoek naar goede dadels om mee te nemen naar Nederland. Ik vond het een beetje saai maar mijn man wilde per sé de beste kwaliteit dadels voor de beste prijs. Zijn vriend kocht die dag wel dadels, maar mijn man nog niet. De prijs voor ‘gewone’ dadels ligt rond de 40 Riyal (9 euro) per kilo, de speciale ‘dadels van de Profeet’ salallahu alayhi wasalam kosten ongeveer 80 Riyal per kilo.
’s Avonds ging mijn man nog langs wat winkels, op zoek naar een horloge voor zijn vader. Vervolgens ging hij met een aantal vrienden, waaronder Alper, nog ergens uit eten. Ik bleef in het hotel en las nog wat in mijn boek.
Het volgende verslagje zal het laatste deel zijn inshaa Allah, waarin ik de laatste dag in Medina en de terugreis – via Istanbul – zal beschrijven.

Dag 32
Afgelopen nacht heeft het hard geonweerd en geregend. Mijn man ging door de stromende regen naar de moskee om fajr te bidden, maar ik bad het op de hotelkamer. Om 8.30u belde mijn man me wakker, om te vragen of ik mee ging om nog wat cadeautjes te kopen voor de familie en om daarna naar Masjid Quba te gaan. Alper werd ook uit bed getrommeld, en we vertrokken met een klein groepje naar de moskee. De taxi kostte 20 Riyal. Na het bidden bij Masjid Quba liepen we weer dezelfde route als de dag er voor, en ontbeten bij het zaakje met de verse sappen en het broodje omelet. Onderweg kwamen we langs enorme regenplassen.
Tegen een uur of twaalf namen we weer een taxi om dohr te kunnen bidden bij Masjid an Nabawi. De taxichauffeur vertelde dat zijn vader in de jaren '70 vanuit Mali naar Medinah was gekomen. Hij vertelde onderweg van alles over de omgeving: dit is de moskee van imam Bukhari, dit van Abu Dharr, hier woont de muaddhin van Masjid an Nabawi, in deze wijk wonen alleen maar Shi'a en hij vertelde nog wat over Uhud en de gezegende dadelpalmen van Medinah. De taxichauffeur zelf woonde op 5 min. lopen van Masjid an Nabawi, mashaa Allah. Zoiets is niet voor iedereen weggelegd.
Aan het eind van de dag, na maghrib, gingen we weer op 'dadeljacht'.
 Tussendoor gegeten op het terras van een gezellig Turks grillrestaurant. 's Avonds kochten we nog gebedskleedjes, parfum, ringen en andere kleine cadeautjes voor familieleden en vrienden in Nederland. Na 'isha pakte ik mijn koffers in. Iedereen kreeg 3 stickers voor zijn bagage: 1 voor je koffer, 1 voor je Zamzam en 1 voor je dadels. Maar aangezien wij maar 1 jerrycan Zamzam hadden en van de dadels 1 pakket hadden gemaakt, konden we nog een extra koffertje meenemen. Mijn man wilde zijn andere sticker verkopen haha, of weggeven op het vliegveld aan iemand die het nodig had. Alle koffers moesten beneden bij de receptie worden gezet. Morgenochtend vertrekken we rond 6u 's ochtends. We moeten 6 uur wachten in Istanbul. Inshaa Allah willen wij met de taxi naar de wijk Fatih gaan, zodat ik daar Islamitische kleding kan kopen. Ik heb hier namelijk niets kunnen vinden, behalve een paar simpele niqaabs. We verheugen ons er echt op om Istanbul even te zien.

Dag 33
Iedereen bad salat al fajr in/bij Masjid an Nabawi. Wat een raar idee dat je fajr bidt in Masjid an Nabawi in Medinah, en isha waarschijnlijk gewoon thuis in Nederland. We zullen het hier echt gaan missen subhan Allah. Het is zo snel gegaan. Alhamdulillaah dat wij hier mochten zijn en in staat zijn geweest onze hajj te verrichten. Moge Allah het accepteren van ons allemaal, ameen. Na fajr ontbeten in het restaurant en daarna vertrokken we met bussen naar het vliegveld. Je ziet alle mensen in de bus zwaaien naar Masjid an Nabawi en het graf van de Profeet, salallahu alayhi wasalam, en kushandjes toewuiven toen we er langs reden. We verlaten deze heilige plaatsen met pijn in ons hart. Op het vliegveld weer lang gewacht in de rij. Er ontstonden nogal wat irritaties toen een groep Marokkaanse of Egyptische hajji's voordrong, ze duwden zich overal tussendoor. De vrouwen werden gefouilleerd door vrouwelijke medewerksters van het vliegveld, in een apart kamertje. We gingen het vliegtuig in, en toen we opstegen maakte ik nog wat foto's van het Saoedische landschap.
In Istanbul wilden we uitchecken, toen er opeens werd geroepen dat we een ander vliegtuig zouden nemen, dat nú zou vertrekken. Verwarring, chaos.. Er waren mensen van wie de familie 1000 km had gereden om de hajji's even te kunnen zien in Istanbul, die families stonden buiten het vliegveld te wachten. Maar het vliegtuig waar we over 6 uur mee naar Amsterdam zouden vliegen zat vol, en er was een vliegtuig dat op het punt stond om te vertrekken naar Amsterdam, waar nog wel plek in was. Sommigen waren blij dat ze niet zo lang hoefden te wachten, anderen boos omdat ze Istanbul even wilden zien. Wij waren ook teleurgesteld. Als we deze vlucht nu niet namen, konden ze niet garanderen dat we binnen een paar dagen naar Nederland konden vliegen. Dat risico wilden we niet nemen. Een paar anderen wel, zij checkten uit om naar hun familie te gaan. Terwijl iedereen in de rij stond om het andere vliegtuig in te gaan, besloten wij nog even ons gebed te verrichten, want het was tijd. Als allerlaatsten gingen mijn man, zijn vriend en ik het vliegtuig in. Maar.. het zat vol! "Geen probleem, we zitten wel op de grond ofzo.." zei ik nog tegen mijn man. Maar hij werd een beetje boos, "eerst gaat Istanbul aan onze neus voorbij en nu passen we niet in het vliegtuig!"  "Jammer dat u zo boos doet meneer," zei de stewardess, "ik wilde u net aanbieden om bij de Business Class te gaan zitten.." En zo kregen we een superluxe plek in het Business Class gedeelte, met de hele tijd gratis eten en drinken, een stoel waar je plat in kon liggen, een deken, enz.
[Foto: dit was alleen nog maar het voorgerecht..]
Nu snap ik waarom mensen bereid zijn extra te betalen voor een plekje daar. In plaats van vermoeid en gaar, kwamen we heerlijk uitgerust aan op Schiphol. We hadden redelijk snel onze bagage bij elkaar. We namen afscheid van onze groepsgenoten en liepen naar de vertrekhal. Wat is dit??? dacht ik. Allemaal mensen die filmden, foto's maakten, bloemen en lekkers uitdeelden.. het leek wel of we een groep celebrities waren die aankwamen! We waren erg blij onze familie weer te zien alhamdulillaah. Het was koud, maar ik had die kou gemist dus ik vond het wel even lekker. Bij mijn schoonouders thuis aten we met de hele familie, en deelden we alvast wat kleine dingetjes uit. Daarna gingen we naar huis om lekker te gaan slapen in ons eigen bed. Een zuster had mijn huis schoongemaakt en het bed opgemaakt, een aantal zusters en ook mijn schoonzus hadden allemaal boodschappen gehaald, de verwarming was voor me aangezet voordat ik thuiskwam.. barak Allahu feekum. Het was echt fijn thuiskomen!
Moge Allah het voor jullie allemaal mogelijk maken om ook zo'n mooie hajj mee te maken, en moge Allah het van ons accepteren, ameen.


Voor vragen kan je mailen via het 'Contact Us' formulier. Opmerkingen kan je kwijt in het 'Guestbook'.